>>> De situatie in Khor Mor zorgt ervoor dat er een nieuwe breuk ontstaat tussen de KRG en de Iraakse staat

Nieuwe breuk tussen Erbil en Bagdad rond Khor Mor

Tussen de Koerdische Regionale Regering (KRG) en de federale regering in Bagdad is een nieuwe, explosieve spanningslijn ontstaan. Aanleiding is een omstreden besluit van de Iraakse premier Mohammed Shia al-Sudani om de gasproductie op het Khor Mor-veld stil te leggen, iets wat Koerdische functionarissen volgens Al-Monitor omschrijven als een poging tot “volledige wurging” van de economie van de regio.

Order om Khor Mor stil te leggen na raketaanval
Na de zware raketaanval op het Khor Mor-gasveld eind vorige maand zou al-Sudani exploitant Dana Gas hebben opgedragen de productie stil te houden totdat een federale onderzoekscommissie haar werk had afgerond. Deze maatregel zou volgens Koerdische bronnen miljoenen mensen zonder stroom zetten en cruciale infrastructuur platleggen. Vanuit Erbil werd het besluit dan ook gezien als onaanvaardbaar.

KRG negeert besluit om bevolking te beschermen
De KRG-leiding weigerde de instructie uit Bagdad op te volgen en koos ervoor de gasproductie zo snel mogelijk te hervatten, met als argument dat de basisvoorzieningen voor de bevolking prioriteit hebben. Door de herstart van de productie kon de elektriciteitsvoorziening voor naar schatting zes miljoen inwoners van de Koerdische regio worden hersteld. Politiek heeft de kwestie echter diepe sporen getrokken.

Onderzoekscommissie zonder zichtbare uitkomst
Volgens Al-Monitor stelde Bagdad een ministeriële commissie in om de aanval van 26 november te onderzoeken. De commissie kreeg 72 uur om met conclusies te komen, maar die termijn verstreek zonder dat er een publiek rapport verscheen. De beslissing van al-Sudani om alle activiteiten stil te laten leggen tot het onderzoek was afgerond, zou bovendien zijn genomen zonder duidelijke onderbouwing, zo melden ingewijden.

Koerdische functionarissen spreken van existentiële dreiging
De KRG, die al langer in conflict is met de federale overheid over olie-inkomsten en begrotingstransfers, zag in de maatregel een directe bedreiging van haar bestaanszekerheid. Een hoge Koerdische functionaris zegt tegen Al-Monitor dat men “verbijsterd” was over de stap van al-Sudani en benadrukte welke chaos was ontstaan als de KRG de order wel had opgevolgd.

KDP als kingmaker in formatiebesprekingen
De timing van de crisis maakt de situatie extra gevoelig. Na de parlementsverkiezingen van 11 november worden in Bagdad intensieve gesprekken gevoerd over de vorming van een nieuwe regering. De partij van premier Masrour Barzani, de Koerdische Democratische Partij (KDP), behaalde meer dan een miljoen stemmen en 27 zetels en geldt als sleutelspeler. Het Iran-gezinde Coördinatiekader van al-Sudani won weliswaar 46 zetels, maar wordt breed gezien als afhankelijk van Koerdische steun voor een tweede termijn. Zijn optreden rond Khor Mor heeft deze steun ernstig onder druk gezet.

Technische details van de aanval op Khor Mor
De aanval was gericht op een van de belangrijkste energiebronnen van de regio. Volgens berichtgeving van Kurdistan24 werd het veld geraakt met een 122 millimeter Grad-raket, afgevuurd vanaf een afstand van ongeveer drie kilometer. De raket sloeg in op een condensaatopslagtank, veroorzaakte een grote brand en dwong tot een onmiddellijke stillegging. Er werd ook een drone richting het veld gestuurd, maar die stortte buiten het terrein neer.

Grote impact op stroomvoorziening in heel Irak
Door de noodstop daalde de elektriciteitsproductie in de Koerdische regio tijdelijk met circa 80 procent en ging ongeveer 1.200 megawatt verloren voor het nationale Iraakse netwerk. Dat onderstreept de centrale rol van Khor Mor voor zowel de KRG als de rest van Irak. De aanval raakte daarmee niet alleen regionale voorzieningen, maar ook de energiezekerheid van het land als geheel.

Verdachte: Iran-gelinkte sjiitische milities
Hoewel geen enkele groep de verantwoordelijkheid heeft opgeëist, wijzen veiligheidsbronnen en internationale waarnemers volgens Al-Monitor vooral naar door Iran gesteunde sjiitische milities die buiten directe staatscontrole opereren. Deze groeperingen hebben eerder energie-installaties in de Koerdische regio aangevallen om druk uit te oefenen. De aanval op Khor Mor is de elfde aanslag op het veld in de afgelopen jaren en volgt op een reeks droneaanvallen in juli, waarbij de olieproductie met 220.000 vaten per dag werd teruggebracht.

Strenge boodschap van de Verenigde Staten
De Verenigde Staten reageerden scherp op de laatste aanval en de rol van milities. Mark Savaya, de nieuwe Amerikaanse gezant voor Irak en vertrouweling van president Donald Trump, veroordeelde de aanslag en de betrokken gewapende groepen krachtig. Via X riep hij de Iraakse regering op de daders op te sporen en te vervolgen en stelde hij dat er in een soeverein Irak geen plaats is voor dergelijke gewapende groeperingen. Hij waarschuwde dat Washington niet zal samenwerken met een regering die afhankelijk is van Iraanse proxies.

Koerdische oproep om verdediging van de regio te versterken
In een interview met Kurdistan24 verwelkomde de KRG-vertegenwoordiger in de Verenigde Staten, Treefa Aziz, de duidelijke toon uit Washington. Zij riep op tot versnelling van de levering van anti-drone systemen aan de Koerdische regio, zodat vitale installaties en de bevolking beter beschermd kunnen worden. Aziz benadrukte dat de Amerikaanse regering Bagdad helder heeft meegedeeld dat milities moeten worden ontwapend als Irak stabiel en investeringswaardig wil zijn.

Iran, energiehefboom en druk op Koerdistan
De spanningen spelen zich af tegen de achtergrond van de blijvende invloed van Iran, hoewel die invloed de afgelopen periode is teruggelopen. Irak is sterk afhankelijk van Iraanse gasimport voor zijn elektriciteitsvoorziening, wat Teheran een belangrijke hefboom geeft. Elke poging van de KRG om meer gas en stroom aan het nationale net te leveren, vermindert die invloed. Volgens een Koerdische bron die met Al-Monitor sprak, past de poging van al-Sudani om Khor Mor stil te leggen in een bredere strategie van “volledige verstikking” om meer centrale controle over de autonome regio te herstellen.

Bezoek van topfunctionarissen aan Khor Mor
Op de locatie zelf verschenen vrijdag verschillende hoge federale functionarissen, onder wie minister van Binnenlandse Zaken Abdul Amir al-Shammari en inlichtingenchef Hamid al-Shatri, om de schade te bekijken. Hun aanwezigheid onderstreept het gewicht van de aanval, maar ook de politieke rivaliteit in het kader van de regeringsvorming. Zowel al-Shatri als nationaal veiligheidsadviseur Qasim al-Araji worden genoemd als mogelijke kandidaten voor het premierschap. Araji zou gespannen verhoudingen hebben met al-Sudani, maar goede contacten onderhouden met de KDP, wat de politieke puzzel nog complexer maakt.

Masrour Barzani blijft onverzettelijk
Premier Masrour Barzani heeft zich in de hele crisis strijdbaar opgesteld. In een verklaring van zaterdag veroordeelde hij de “lafhartige, onmenselijke daden” van tegenstanders die het succes en de vooruitgang van de Koerdische regio niet kunnen accepteren. Hij drong er bij de federale regering op aan om de verantwoordelijken volledig volgens de wet te berechten en waarschuwde dat Irak nooit duurzame investeringen of stabiliteit zal aantrekken zolang milities, criminele netwerken, corrupte structuren en gewapende groepen buiten staatscontrole ongestraft nationale infrastructuur aanvallen.

Koerden stellen harde voorwaarden voor steun in Bagdad
Nu de gasstromen weer op gang komen en steden als Erbil en Sulaimani hun stroomvoorziening terugkrijgen, wordt in Bagdad duidelijk hoe kwetsbaar de relatie tussen de federale overheid en de KRG is. De confrontatie rond Khor Mor heeft de vastberadenheid van Koerdische leiders versterkt om harde garanties te eisen op het gebied van veiligheid en grondwettelijke rechten voordat zij een kandidaat voor het premierschap steunen. Met een assertieve koers van de Verenigde Staten tegenover Iraanse proxies en de KDP in een sleutelpositie voor de vorming van een nieuwe regering, zullen de komende weken bepalend zijn voor de vraag of Irak de weg inslaat naar meer stabiliteit of juist verder uiteen wordt gedreven.

Deze website maakt gebruik van cookies. Door deze site te blijven gebruiken, accepteert u ons gebruik van cookies.  Cookieverklaring