>>> Mazloum Abdi

Mazloum Abdi: Koerdische taal in West-Koerdistan ‘uit gevarenzone’ en nu onderwijstaal

Mazloum Abdi, de algemene commandant van de Syrian Democratic Forces (SDF), heeft zaterdag verklaard dat de Koerdische taal in West-Koerdistan (noordoost-Syrië) een “gevaarlijke fase” achter zich heeft gelaten en inmiddels is uitgegroeid tot een taal van onderwijs. In een boodschap ter gelegenheid van de Internationale Dag van de Moedertaal, die jaarlijks op 21 februari wordt gevierd, feliciteerde Abdi de bevolking en in het bijzonder Koerdische taaldocenten.

‘Gouden kans’ door de omwenteling in de regio
Abdi stelde dat de ontwikkelingen in West-Koerdistan de Koerden een “gouden kans” hebben geboden om opnieuw eigenaar te worden van hun moedertaal en die te beschermen tegen verdringing. Volgens hem was het Koerdisch lange tijd kwetsbaar, juist omdat onderwijs en publieke ruimte decennialang sterk werden gestuurd door centrale machtsstructuren.

Terugblik op Ba’ath-beleid: verbod en Arabisering
In zijn verklaring verwees Abdi naar de periode van de Arabisch-socialistische Ba’athpartij, waarin Koerdisch volgens hem werd geconfronteerd met Arabiseringsbeleid en restricties. Hij zei dat mensen destijds zelfs werden vastgezet vanwege het leren of onderwijzen van hun eigen taal. De boodschap legt hiermee een scherpe link tussen taal en identiteit, en tussen taalbeleid en politieke machtsverhoudingen.

Van verboden taal naar onderwijs tot op universitair niveau
Abdi benadrukte dat na veertien jaar van strijd en offers de situatie ingrijpend is veranderd. Volgens hem volgen inmiddels duizenden leerlingen onderwijs in het Koerdisch en hebben sommigen de stap naar hoger onderwijs gezet. Daarmee schetst hij de taalontwikkeling als een structurele verschuiving, niet als een tijdelijke uitzondering.

Decreet 13: stap richting erkenning als nationale taal
Abdi wees ook op Decreet nr. 13 van de huidige Syrische presidentiële autoriteiten. Hij omschreef dit als een belangrijke doorbraak en een stap richting erkenning van het Koerdisch als nationale taal binnen het constitutionele kader van Syrië. Hij presenteerde het decreet als een basis waarop verdere institutionalisering kan voortbouwen.

Dialoog met ministerie van Onderwijs over concrete uitvoering
Volgens Abdi zijn er de afgelopen weken gesprekken gevoerd met het Syrische ministerie van Onderwijs om de uitgangspunten van Decreet 13 om te zetten in praktische maatregelen. Het doel is, aldus Abdi, om serieuze stappen te zetten waardoor Koerdisch de officiële onderwijstaal wordt in overwegend Koerdische gebieden, en om die status formeel te verankeren in het systeem.

Oproep aan ouders, docenten en academici
Abdi riep families op om kinderen in te schrijven bij Koerdisch-talige scholen en moedertaalonderwijs zwaarder te laten wegen in de opvoeding. Daarnaast vroeg hij taalkundigen en academici om de Koerdische taal verder te versterken en te standaardiseren, en om onderwijsinstellingen te bouwen die de taalontwikkeling naar een hoger niveau kunnen tillen.

Onderwijs als kern van het autonome bestuursmodel
De uitbreiding van Koerdisch onderwijs in noordoost-Syrië geldt al jaren als een belangrijk kenmerk van de Autonome Administratie die ontstond na het uitbreken van het Syrische conflict in 2011. Terwijl de SDF, met steun van de Verenigde Staten in de strijd tegen ISIS, controle consolideerde over grote delen van het noordoosten, werden tegelijk nieuwe curricula ingevoerd in het Koerdisch, Arabisch en Syrisch (Syriac), passend bij het multi-etnische karakter van de regio.

Politiek gevoelig dossier in gesprekken met Damascus
De status van Koerdisch onderwijs blijft echter politiek gevoelig, juist omdat het onderdeel is van bredere onderhandelingen tussen de Autonome Administratie en Damascus. Waar lokale instellingen onderwijs in de moedertaal zien als basisrecht en stabiliteitsfactor, wordt de formele erkenning op nationaal niveau vaak gekoppeld aan grotere discussies over bestuur, decentralisatie en staatsstructuur.

Historische beperkingen en bredere hertekening van governance
Abdi’s boodschap plaatst de huidige gesprekken in een historische context waarin Koerdische culturele en taalkundige rechten onder eerdere Syrische regeringen zwaar beperkt waren, en waarin veel Koerden te maken kregen met uitsluiting, waaronder problemen rond burgerschap. De huidige dialoog tussen SDF-leiderschap en de Syrische overheid weerspiegelt een bredere poging om afspraken te herdefiniëren over noordoost-Syrië, met onderwerpen als administratieve decentralisatie, veiligheidscoördinatie en culturele erkenning.

Mogelijke hoeksteen van een toekomstige regeling
Een formele verankering van Koerdisch als onderwijstaal zou een duidelijke verschuiving betekenen in Syrië’s traditionele taalbeleid. Tegelijk kan het een belangrijk fundament vormen in iedere toekomstige politieke regeling rond de status van Koerdische gebieden, met als inzet niet alleen identiteit, maar ook duurzame stabiliteit en gelijkwaardige participatie.

Deze website maakt gebruik van cookies. Door deze site te blijven gebruiken, accepteert u ons gebruik van cookies.  Cookieverklaring