KNCS eist einde aan belegering Kobani na ontvoering Koerdisch gezin
De Koerdische Nationale Raad in Syrië (KNCS) heeft opgeroepen tot het onmiddellijk opheffen van de belegering van Kobani. In een verklaring waarschuwt de raad dat inwoners onder uitzonderlijk zware humanitaire omstandigheden leven en dringend hulp nodig hebben. KNCS vraagt Damascus en alle betrokken partijen om humanitaire toegang te garanderen en alle blokkades die hulpverlening tegenhouden weg te nemen.
Besluit na vergadering van 18 februari 2026
De oproep volgt op de reguliere KNCS-vergadering van 18 februari 2026. Tijdens die bijeenkomst besprak de raad de laatste politieke ontwikkelingen in Syrië, het debat over Koerdische constitutionele rechten in een mogelijke nieuwe grondwet en de algemene situatie in Koerdische gebieden.
‘Koerdische rechten moeten in de grondwet worden vastgelegd’
KNCS ging in op recente ontmoetingen tussen een delegatie van de raad en de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Asaad al-Shaibani en president Ahmed al-Sharaa. De raad noemde de gesprekken positief, maar benadrukte dat de nationale rechten van het Koerdische volk formeel beschermd moeten worden in de nieuwe Syrische grondwet. Volgens KNCS is constitutionele erkenning essentieel om Koerden en andere gemeenschappen een duurzame plek te geven in het toekomstige Syrië.
Kritiek op PYD en oproep tot Koerdische eenheid
In dezelfde verklaring riep KNCS de Democratic Union Party (PYD) op om haar eerdere politieke koers te heroverwegen en fouten uit het verleden te corrigeren. De raad eiste een einde aan praktijken die zij omschrijft als “kinderrekrutering” en “illegale belastingheffing”.
Tegelijk riep KNCS alle Koerdische krachten op om samenwerking te bouwen op basis van de afspraken van de conferentie van 26 april 2025 en het nationale belang, om te voorkomen dat één partij de Koerdische besluitvorming monopoliseert.
Waardering voor Barzani en steun vanuit de Koerdische Regio
KNCS sprak ook waardering uit richting president Masoud Barzani, de Koerdische Regionale Regering en de bevolking van Zuid-Koerdistan voor hun politieke en humanitaire steun. Daarnaast prees de raad het werk van de Barzani Charity Foundation en andere hulporganisaties die vluchtelingen en getroffen burgers ondersteunen. KNCS stelt dat de vastberadenheid van Koerden om hun legitieme rechten te verdedigen, bijdraagt aan een serieuze politieke inzet voor een echte partnerschap in Syrië.
Kobani centraal: ‘extreem zware omstandigheden’
In de slotpassage legde KNCS de nadruk op Kobani. De raad zegt dat de bevolking onder “extreem zware” omstandigheden leeft en dat de situatie alleen kan worden verlicht door onmiddellijke toegang tot voedsel, medicijnen en basisvoorzieningen. KNCS roept de Syrische overheid en andere betrokken partijen op om alle hindernissen voor humanitaire hulp direct te verwijderen.
Ontvoering in Homs onderstreept toenemende wanhoop
De verklaring komt tegen de achtergrond van een incident dat volgens familieleden laat zien hoe wanhopig sommige inwoners zijn geworden. Op 18 februari 2026 werd een Koerdisch gezin van zeven uit Kobani in Homs ontvoerd terwijl het via Libanon probeerde te vluchten voor de moeilijke omstandigheden, oorlog en belegering. De ontvoerders zouden 35.000 dollar hebben geëist.
Gezin met baby en chronisch zieke vader
Volgens informatie die aan media werd doorgegeven door Anwar Habash, de broer van de vader, vond de ontvoering plaats in het gebied Tal Kalakh in het landelijke deel van Homs. Het ging om Abdullah Habash Atto, die volgens familie kampt met een eerdere hersenbeschadiging en dagelijks medicatie nodig heeft, zijn vrouw Mardin Mahmoud Shukri en hun vijf kinderen: Simaf, Mirva, Sharfan, Mira en een baby van acht dagen oud.
Detentie in slechte omstandigheden en psychische schade
Familieleden zeggen dat het gezin werd vastgehouden in een vochtige kelder zonder basale hygiëne. De kinderen zouden ernstige borstinfecties en honger hebben gehad, terwijl de pasgeborene extra kwetsbaar was door gebrek aan warmte, voeding en zorg. Abdullah Habash Atto zou bovendien zijn medicatie zijn onthouden.
Op 19 februari 2026 werd het gezin vrijgelaten nadat losgeld in Libanon was overhandigd. Ze werden opgevangen in de regio Wadi Khaled en zouden nu terugkeren richting Kobani. De baby zal naar verwachting medische onderzoeken krijgen bij aankomst. Familieleden zeggen dat het gezin ondanks de vrijlating nog zwaar onder psychische druk staat door intimidatie en psychische mishandeling tijdens de gevangenschap.
Structurele druk: tekorten en blokkades duwen mensen naar risicoroutes
Lokale autoriteiten in Kobani hebben eerder gewaarschuwd voor verslechterende humanitaire en gezondheidsomstandigheden, met tekorten aan medicijnen en basisgoederen. Beperkingen op toegang en handel verergeren de economische druk en zorgen ervoor dat sommige gezinnen steeds gevaarlijkere routes overwegen om te vertrekken.

