Waarom Koerdische eenheid zo moeilijk is, en toch noodzakelijker wordt
Deze analyse is geschreven door: Ahmed Khoshnaw
De droom van Koerdische eenheid is eeuwenoud, maar in de realiteit is dit een hardnekkige kwestie. De Koerden zijn verdeeld over vier staten, namelijk Turkije, Irak, Iran en Syrië en elk met hun eigen repressieve regimes, historische dynamieken en geopolitieke belangen. Pogingen tot een gezamenlijk, Koerdische front werden vaak verstoord door rivaliteit, ideologische verschillen of buitenlandse inmenging. Deze verdeeldheid is niet alleen geografisch, maar ook politiek, ideologisch, tribaal en soms zelfs linguïstisch (Kurmanji, Sorani, Zazaki, etc.).
De beruchte Conferentie van Sèvres (1920) voorzag nog in een mogelijke Koerdische staat, maar werd vervangen door het Verdrag van Lausanne (1923) dat Koerden uitsloot. Sindsdien werden Koerden in elk land gedwongen hun strijd los van elkaar te voeren, vaak zelfs tegen elkaar uitgespeeld door de centrale staten of externe machten zoals de VS, Iran of Rusland.
Interne Koerdische rivaliteit
De interne verdeeldheid binnen Koerdistan heeft diepe wortels. In Iraaks Koerdistan zagen we in de jaren ‘90 een bloedige burgeroorlog (in de Koerdische volksmond ook wel de Broederoorlog genoemd) tussen de PDK van Massoud Barzani en de PUK van Jalal Talabani. Hoewel sindsdien formeel verzoening is bereikt, zijn de instellingen in Erbil (PDK) en Sulaimaniyah (PUK) tot op heden feitelijk gescheiden machtsblokken. Elk heeft zijn eigen veiligheidsdienst, politieke koers en externe bondgenoten (respectievelijk Turkije en Iran).
In Turkije domineert de PKK, geleid door Abdullah Öcalan, een ideologische stroming die sterk verschilt van het meer pragmatische nationalisme van de KDP. In Syrië domineert de PYD (een zusterpartij van de PKK), wat tot spanningen leidt met door Barzani gesteunde Koerdische groeperingen in Rojava. Pogingen tot pan-Koerdische coördinatie, zoals die van het Koerdisch Nationaal Congres (KNK), liepen stuk op wederzijds wantrouwen maar is nog nooit zo ver gevorderd als we dat kennen anno 2025. Er is hoop.
Geopolitiek als splitsing
Geopolitieke belangen houden Koerdische verdeeldheid in stand. Turkije onderhoudt goede banden met de Koerdische Autonome Regio. Iran onderhoudt banden met de PUK in Basur, deels om invloed te behouden in het grensgebied met Iran. De VS steunt de SDF in Syrië (Rojava), waar Koerdische strijders onder PKK-invloed opereren, maar onderhoudt ook economische betrekkingen met de KDP in Iraaks-Koerdistan (Basur). Hierdoor ontstaat een paradoxale situatie waarin Koerdische partijen die zich inzetten voor dezelfde natie, elkaar tegenwerken vanwege externe belangen.
Een voorbeeld: in 2020 botsten Peshmerga-troepen van de KDP met YPG-strijders in de grensregio’s tussen Irak en Syrië. In plaats van solidariteit in het licht van regionale bedreigingen zoals Turkse luchtbombardementen of Iraanse raketaanvallen, is er sprake van militair en politiek conflict. Dergelijke incidenten ondermijnen het moreel van de Koerdische bevolking en geven tegenstanders munitie om Koerden af te schilderen als verdeeld en onbetrouwbaar.
Waarom eenheid noodzakelijker wordt
Toch is er groeiend besef dat Koerdische eenheid noodzakelijker is dan ooit. De Koerdische kwestie staat wereldwijd weer op de radar, denk aan de internationale solidariteit met Rojava, of de rol van Koerden in de strijd tegen ISIS. Tegelijkertijd nemen de externe bedreigingen toe: Turkije bombardeert regelmatig Koerdische gebieden in Iraaks-Koerdistan (Basur) en Syrisch-Koerdistan (Rojava); Iran voert repressie op tegen Koerdische activisten in Zuidwest-Iran (Rojhalat); en in Irak worden de bevoegdheden van de Koerdische regio langzaam uitgehold door middel van economische en sociale blokkades.
Een gemeenschappelijke strategie is nodig om politieke, militaire en diplomatieke invloed te bundelen. De creatie van een pan-Koerdisch parlement, gezamenlijke diplomatieke missies, een gedeelde Koerdische mediaraad of een symbolische nationale raad zouden belangrijke stappen kunnen zijn. In 2021 riep Nechirvan Barzani in een zeldzame speech op tot “nationale Koerdische eenheid in dienst van onze toekomst, niet ten koste van onze verschillen.”
Rol van de diaspora en de toekomst
De Koerdische diaspora speelt hierin een verbindende rol. In steden als Brussel, Parijs, Amsterdam en Stockholm opereren Koerden uit alle delen van Koerdistan gezamenlijk binnen politieke campagnes, mensenrechtenplatforms en media zoals Koerdistan Vandaag. Jongeren zijn vaker ideologisch fluïde: zij hechten minder aan partijtrouw en meer aan pan-Koerdisch bewustzijn. Digitale netwerken en sociale media overstijgen grenzen en ideologieën, en maken ruimte voor collectieve actie.
De recente protesten tegen de Turkse aanvallen op Rojava (2019) en de executies van Koerden in Iran (2022) lieten zien dat Koerden in de diaspora bereid zijn de strijdbijl tussen partijen te begraven in dienst van een grotere zaak. Nieuwe stemmen roepen op tot pragmatische samenwerking, niet vanuit naïviteit, maar vanuit een urgentie om de Koerdische kwestie continue op de kaart te zetten.
Conclusie
Koerdische eenheid is moeilijk, maar geen illusie. De verdeeldheid heeft historische en geopolitieke oorzaken die niet snel verdwijnen. Maar de realiteit van toenemende druk, marginalisering en gevaar maakt samenwerking geen optie meer, maar een noodzaak. Alleen door bruggen te slaan, tussen Erbil en Qamishlo, tussen Diyarbakir en Mahabad, tussen Suleimaniyah en Stockholm, tussen Diyarbakir en Parijs, tussen Duhok en Londen, kunnen Koerden hun stem behouden in een wereld die hen te vaak heeft genegeerd.
De toekomst van Koerdistan ligt niet in absolute eenvormigheid, maar in strategische verbondenheid. Verschil mag bestaan, zolang het niet de hoop op vrijheid ondermijnt. Discussies tussen Koerden zijn goed, zolang het niet overslaat op verdeeldheid. Verschil van ideeën is goed, zolang het niet overslaat op disharmonie. Zoals de Koerdische dichter Cegerxwîn ooit schreef: “Werin yekbûn bibin şîn û sor, bijî yekîtîya gelê kurd.” (Kom samen als groen en rood, leve de eenheid van het Koerdische volk.)

