VN-experts waarschuwen voor toenemende repressie tegen Koerden en Baluchen in Iran

Volgens de Verenigde Naties nemen willekeurige arrestaties, marteling en executies toe, terwijl tientallen Koerden en Baluchen dit jaar al zijn geëxecuteerd en meer gevangenen het risico lopen ter dood te worden gebracht.
Een groep onafhankelijke mensenrechtenexperts van de Verenigde Naties heeft Iran opgeroepen een einde te maken aan de toenemende willekeurige arrestaties, gedwongen verdwijningen, marteling, mishandeling en executies van etnische minderheden, met name Koerden en Baluchen.
Volgens de experts moeten etnische minderheden in Iran “veilig en waardig kunnen leven, vrij van discriminatie.”
In een verklaring wijzen zij op een duidelijke toename van arrestaties en volgens hen politiek gemotiveerde veroordelingen, waarbij leden van etnische minderheden vaak worden vervolgd op grond van ruim geformuleerde nationale veiligheidswetten.
Nieuwe wet vergroot repressie
De VN-experts stellen dat een in 2025 aangenomen Iraanse wet, die de definitie van spionage heeft uitgebreid, samen met andere veiligheidsdelicten wordt gebruikt om critici het zwijgen op te leggen.
Daarbij noemen zij onder meer aanklachten als “vijandschap tegen God”, “het verspreiden van corruptie op aarde” en “gewapende opstand tegen de Islamitische Republiek”. Volgens de experts worden deze bepalingen vooral ingezet tegen Koerden.
Duizenden arrestaties na protesten
Sinds de landelijke protesten die eind 2025 begonnen en zich in januari 2026 over Iran verspreidden, hebben de Iraanse autoriteiten duizenden mensen gearresteerd.
Volgens de VN zijn veel arrestanten gemarteld of mishandeld om bekentenissen af te dwingen.
Onder de arrestanten bevinden zich demonstranten, journalisten, advocaten, activisten en leden van etnische en religieuze minderheden. Velen worden beschuldigd van spionage, contact met buitenlandse media of samenwerking met vijandige staten. Op dergelijke aanklachten kan de doodstraf staan.
Zorgen over executies
De VN spreekt daarnaast haar zorgen uit over het groeiende aantal doodvonnissen tegen Koerden en Baluchen.
In de verklaring wordt gewezen op de zaken van de Koerdische hulpverlener Pakhshan Azizi en Varisheh Moradi, lid van de Oost-Koerdische vrouwenorganisatie KJAR. Beiden werden in 2023 gearresteerd en zijn ter dood veroordeeld.
Ook vragen de experts dringend aandacht voor vijf andere gevangenen die volgens hen een reëel risico lopen om binnenkort te worden geëxecuteerd. Het gaat om de Koerden Yousef Ahmadi, Raouf Sheikh Maroufi, Mohammad Faraji en Mohsen Eslamkhah, evenals Farhad Baranzehi uit de Baluch-gemeenschap.
Volgens de VN zijn hun rechtszaken gekenmerkt door marteling en afgedwongen bekentenissen.
Tientallen executies in 2026
De VN meldt dat in 2026 inmiddels ten minste 24 Baluchen en 22 Koerden zijn geëxecuteerd. Volgens de experts lopen nog veel meer mensen het risico om ter dood te worden gebracht.
Zij benadrukken dat vooral soennitische Koerden en Yarsani’s tijdens perioden van politieke onrust regelmatig als bedreiging voor de nationale veiligheid worden neergezet.
De verklaring is ondertekend door onder meer Mai Sato, de speciale VN-rapporteur voor de mensenrechtensituatie in Iran, samen met acht andere onafhankelijke VN-experts.