Syriëganger Hasna Aarab veroordeeld tot negen jaar cel voor slavernij en terrorisme
Woensdagmiddag heeft het gerechtshof in Den Haag, zitting houdend in het Justitieel Complex Schiphol (JCS), de 34-jarige Marokkaans-Nederlandse Syriëganger Hasna Aarab in hoger beroep veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen jaar. De vrouw werd schuldig bevonden aan meerdere ernstige strafbare feiten, waaronder het medeplegen van een misdrijf tegen de menselijkheid. Tijdens haar verblijf in het kalifaat van terreurorganisatie IS hield zij een jezidi-vrouw als slaaf.
De zaak is bijzonder, omdat het de eerste keer is dat in Nederland iemand is veroordeeld voor misdrijven tegen Yezidi’s, een religieuze en etnische Koerdische minderheid die zwaar werd getroffen door IS.
Lagere straf door verminderde toerekeningsvatbaarheid
In 2024 legde de rechtbank Hasna Aarab nog een celstraf van tien jaar op. Zowel zijzelf als het Openbaar Ministerie gingen in hoger beroep. Het hof komt nu tot een iets lagere straf van negen jaar, omdat Aarab volgens deskundigen verminderd toerekeningsvatbaar is.
Naast de gevangenisstraf moet zij een schadevergoeding van 15.000 euro betalen aan het yezidi-slachtoffer.
Leven in het kalifaat
Hasna Aarab reisde in 2015 vanuit Enschede naar Syrië, samen met haar toen vierjarige zoon. Volgens eigen zeggen wilde zij daar een nieuw leven opbouwen binnen het kalifaat van IS. In Syrië trouwde zij met een IS-terrorist, bekend onder de naam Abu Ahmad, en kreeg zij nog drie kinderen.
Vier jaar lang verbleef zij in het gebied dat onder controle stond van IS. Na haar scheiding vluchtte zij met haar kinderen en kwam uiteindelijk terecht in gevangenenkampen in Syrië.
In 2022 werd zij samen met elf andere vrouwen en hun kinderen door Nederland teruggehaald. Bij aankomst werd zij direct gearresteerd op verdenking van terroristische misdrijven.
Slavernij en misdrijf tegen de menselijkheid
Het hof acht bewezen dat Hasna Aarab samen met een IS-terrorist een yezidi-vrouw als slaaf hield. Het slachtoffer moest huishoudelijke taken verrichten en werd gedwongen te koken, onder meer voor het kind van Aarab.
Volgens het hof is hiermee sprake van slavernij, wat wordt aangemerkt als een misdrijf tegen de menselijkheid. De rechters benadrukten dat het gaat om een “buitengewoon ernstig feit” dat een langdurige gevangenisstraf rechtvaardigt.
Kind blootgesteld aan oorlogsgeweld
Naast de slavernij werd Hasna Aarab ook veroordeeld voor het in hulpeloze toestand brengen van haar minderjarige zoon. Door hem mee te nemen naar een oorlogsgebied en hem daar jarenlang te laten verblijven, stelde zij hem bloot aan extreem geweld, bombardementen en onveilige omstandigheden.
Het hof rekent haar dit zwaar aan, mede omdat het kind kwetsbaar was en een verstandelijke beperking heeft.
Deelname aan terroristische organisatie
Verder acht het hof bewezen dat Hasna Aarab zich schuldig heeft gemaakt aan deelname aan de terroristische organisatie IS en aan het voorbereiden van terroristische misdrijven.
Bij de uitspraak was de vrouw zelf niet in de rechtszaal aanwezig. Zij volgde de zitting via een videoverbinding vanuit de gevangenis in Zwolle.

