Nederlandse militaire bijdrage aan de strijd tegen ISIS in Koerdistan: een geschiedenis

Bron: Defensie
De Nederlandse minister van Defensie, Dilan Yeşilgöz-Zegerius, schreef donderdag op X dat de missie van de internationale anti-ISIS-coalitie in Irak na twaalf jaar is beëindigd, nadat Operation Inherent Resolve (OIR) in Irak formeel tot een einde is gekomen. Hierbij komt ook een officieel eind aan de Nederlandse missie in de Koerdistan Regio in Irak.
Lees meer: Amerikaanse troepen verlaten Hewlêr Air Base, einde Operation Inherent Resolve in Irak
“Ruim 6.300 Nederlandse militairen hebben de afgelopen 12 jaar samen met internationale partners de terroristen van ISIS in Irak teruggedrongen. Vaak onder uitdagende omstandigheden. Hun inzet verdient grote waardering,” schreef Yeşilgöz-Zegerius.

De Nederlandse deelname aan de OIR-missie in Irak begon in 2014, met als doel ISIS terug te dringen en de Iraakse veiligheidssector te ondersteunen, nadat ISIS grote delen van Irak, waaronder Mosul, had ingenomen.
De Verenigde Staten namen het voortouw in de internationale coalitie, die zich richtte op het bestrijden van ISIS en het ondersteunen van Iraakse en Koerdische veiligheidstroepen, aldus het Nederlandse ministerie van Defensie.
Vanaf oktober 2014 leverde Nederland een bijdrage aan de coalitie. Nederlandse F-16’s voerden luchtoperaties uit tegen ISIS-doelen. Daarnaast droegen Nederlandse militairen bij aan het trainen, adviseren en ondersteunen van Iraakse en Koerdische veiligheidstroepen.
In 2024 bereikten Irak en de Verenigde Staten overeenstemming over de geleidelijke afbouw van de coalitie missie in Irak. De laatste circa 1.500 coalitietroepen in de Koerdistan regio vertrokken dit jaar. De beëindiging van de missie op woensdag vormt het sluitstuk van dat proces.
Op woensdag bedankte de Koerdische premier Masrour Barzani, de coalitiepartners, waaronder de Verenigde Staten en verschillende Europese landen, voor hun steun aan de Koerdische Peshmerga-strijdkrachten bij het bestrijden en verslaan van ISIS, nu de coalitie officieel haar missie in Irak beëindigt.

Van 2015 tot 2020 hebben Nederlandse trainers duizenden Koerdische Peshmerga-strijders opgeleid in Koerdistan. De trainingen richtten zich onder meer op schietvaardigheid, tactisch optreden, militaire EHBO en het opsporen en onschadelijk maken van bermbommen (IED’s), als onderdeel van de internationale strijd tegen ISIS.
De Nederlandse militairen waren gelegerd in kamp Stephan, samen met Duitse, Britse en Zweedse militairen. Duitsland was verantwoordelijk voor het beheer van het kamp, herkenbaar door een houten windmolen in Nederlandse kleuren rood wit en blauw. De meeste militairen hadden weinig zicht op het normale leven buiten de basis.
“Maar we hebben nauwelijks contact met de lokale bevolking, ons leven speelt zich vooral af op het kamp in Erbil (Hêwler) of een van de trainingskampen waar we lesgeven,” zei Jack Bergman, die vier maanden als Public Affairs Officer bij het Nederlandse leger zat in Erbil, tegen Avans.
Na 2020 verschoof de Nederlandse inzet van het geven van fysieke trainingen naar strategische advisering. Nederlandse militaire en civiele adviseurs ondersteunden het Koerdische ministerie van Peshmerga-zaken bij het plannen en aansturen van operaties en bij de hervorming en vereniging van Peshmerga-eenheden.
Nederlandse militaire adviseurs verbonden aan het consulaat waren daarnaast betrokken bij de hervorming en eenwording van de Peshmerga-strijdkrachten als voorzitters van de Multi-National Advisory Group (MNAG). Op 21 september 2026 werd tijdens een officiële ceremonie de eenwording van de Peshmerga-strijdkrachten aangekondigd.
“Een verenigde, professionele en niet-partijgebonden strijdmacht beschermt alle inwoners van de Koerdische Regio en van Irak als geheel. Nederland is er trots op deze belangrijke mijlpaal te hebben ondersteund,” schreef het Nederlandse consulaat op X.
Het is onduidelijk of deze adviseurs hun werk voortzetten na het vertrek van de coalitie. Zeker omdat de Peshmerga eenheden nu zijn verenigd.
Vanaf begin 2021 nam Nederland ook deel aan de beveiliging van het vliegveld van Erbil met 125 soldaten en de daar aanwezige coalitiepartners op zich. Nederlandse eenheden fungeerden als snelle reactiemacht en begeleiden militaire adviseurs bij hun verplaatsingen in de regio. In mei 2023 droeg Nederland de beveiliging van de vliegbasis in Erbil over aan Estland.
Al in maart dit jaar, werden rond de zes Nederlandse adviseurs die op uitzending zijn in Erbil in Koerdistan zijn daar weggehaald tijdens de strijd tussen Amerika en Iran, omdat het te onveilig was nadat een Franse militair omkwam bij een drone-aanval.
Nederlandse militairen waren ook onderdeel van de NAVO-missie in Irak. Vanwege de verslechterde veiligheidssituatie werd de gehele missie tijdelijk verplaatst in maart naar het Joint Forces Command Naples in Italië, van waaruit de missie in beperkte omvang wordt voortgezet. Het is nog niet bekend of en wanneer de missie naar Bagdad zal terugkeren.
Het is niet de eerste Nederlandse missie. Ook gaven Nederlandse soldaten noodhulp aan vluchtelingen in Koerdistan in 1991-1992 met 1.138 militairen als onderdeel van Operatie Provide Comfort.
“Terugtrekking is al langer aan de orde, en enkele keren uitgesteld. Door Biden uiteindelijk op vandaag vastgesteld. Alleen de footprint die achter zou blijven is altijd een discussie geweest. Door de oorlog in Iran en door de koers van de huidige regering is alles in een stroomversnelling gekomen. Was tot een jaar geleden nog het idee om OIR hoofdkwartier in Erbil te positioneren ipv Bagdad, en werd dat ook uitgevoerd. Maar door de escalatie en goede targeting van Iran verdwijnt ook nu Erbil,” zei een anonieme Nederlandse coalitieofficier die heeft meegewerkt aan de opbouw van het Ministerie van Peshmerga (MoPA) tegen Koerdistan Vandaag.
“Dat nu alles weggaat vind ik persoonlijk en professioneel erg jammer. Het is altijd goed om een footprint achter te houden, zodat counter IS gemonitord kan worden, military assistance kan blijven bestaan. Kurdistan ligt geografisch op een enorm belangrijk punt. MoPA moet het nu zelf doen. Wat dat betreft hebben de Pesh de kans ruimschoots gehad. Geld is er voldoende. Legitimiteit in Irak zal onder druk blijven. De autonome regio zal en moet zelf sterk genoeg blijven, individuele belangen opzij schuiven. Nu zelf gaan lopen, lang genoeg gekropen. Inkomsten genoeg.”
Nederland zegt ook bereid te zijn een hernieuwde militaire samenwerking met Irak te bekijken als de Iraakse regering daar in de toekomst om vraagt.
“Nederland blijft betrokken bij een veilig en stabiel Irak en blijft zich via civiele kanalen inzetten om hieraan bij te dragen. Mocht Irak in de toekomst om hernieuwde militaire samenwerking verzoeken, dan zal het kabinet de mogelijkheid en wenselijkheid daarvan beoordelen”, schreven minister van Defensie D. Yeşilgöz-Zegerius en minister van Buitenlandse Zaken T.B.W. Berendsen in een brief aan de Tweede Kamer op 30 september.
