Mazloum Abdi wil nieuw tijdperk van politieke strijd en dialoog met Turkije

De voormalige SDF-commandant, die inmiddels adviseur is van de Syrische president Ahmed al-Sharaa, verwerpt de gedachte dat de integratie van de SDF in het Syrische leger een overgave was.
Mazloum Abdi zegt dat de Koerdische politiek in Syrië een nieuwe fase is ingegaan waarin diplomatie, grondwettelijke rechten en politieke organisatie centraal moeten staan.
De voormalige commandant van de Syrian Democratic Forces is inmiddels adviseur van de Syrische president Ahmed al-Sharaa.
In uitgebreide interviews met Turkse journalisten zei Abdi dat de ontbinding en integratie van de SDF volgens hem geen overgave betekent.
Hij beschreef het proces als het einde van een periode van vijftien jaar gewapende strijd en tegelijkertijd als het begin van een nieuwe politieke fase.
Contact met Turkije blijft open
Abdi besteedde veel aandacht aan de toekomstige relatie met Turkije.
Volgens hem zijn de communicatie- en dialoogkanalen met Ankara momenteel open.
Hij vindt dat deze contacten zich moeten ontwikkelen tot een normale en constructieve relatie.
“Onze betrekkingen met Turkije moeten worden verbeterd en opnieuw worden beoordeeld”, stelde hij.
Abdi benadrukte daarbij dat het voorkomen van een nieuwe oorlog een van zijn belangrijkste doelen is.
Hij zei zichzelf te hebben voorgenomen de bevolking alleen in uiterste nood opnieuw aan oorlogsomstandigheden bloot te stellen.
SDF volgens Abdi niet simpelweg ontbonden
Abdi verwerpt de lezing dat SDF-strijders individueel hun wapens hebben neergelegd en zich vervolgens bij het Syrische leger hebben aangesloten.
Volgens hem gingen bestaande eenheden samen met hun commandanten over naar de Syrische staatsstructuren.
De SDF beëindigde daarmee haar bestaan als zelfstandige militaire organisatie, maar delen van haar organisatorische structuur bleven volgens Abdi behouden binnen het nieuwe systeem.
Hij omschreef deze overgang als “een einde, maar ook een begin”.
Koerdische positie binnen Syrië wordt volgende strijdpunt
Volgens Abdi draait de nieuwe fase vooral om de vraag welke plaats Koerden binnen de Syrische staat krijgen.
Hij stelt dat de huidige situatie fundamenteel verschilt van de periode onder de Baath-regeringen, toen de Koerdische identiteit en politieke organisatie jarenlang werden beperkt.
Koerden hebben volgens hem nu voor het eerst de mogelijkheid om als erkende Koerdische gemeenschap deel uit te maken van de nieuwe Syrische staatsstructuur.
Dat betekent volgens Abdi niet dat alle Koerdische eisen zijn ingewilligd.
Hij wil duurzame garanties voor nationale, culturele, bestuurlijke en taalkundige rechten.
Zijn doel is niet afscheiding van Syrië, maar erkenning van de Koerden als een van de constituerende gemeenschappen van het land.
Onvrede over Koerdisch onderwijs
Een belangrijk discussiepunt blijft het onderwijs in het Koerdisch.
Onder het voormalige autonome bestuur in Rojava konden leerlingen vanaf de basisschool tot aan de universiteit onderwijs in hun moedertaal volgen.
De Syrische regering heeft inmiddels een bepaalde vorm van Koerdisch onderwijs erkend.
Volgens Abdi blijft het huidige systeem echter duidelijk achter bij wat in Rojava in de afgelopen jaren was opgebouwd.
Hij noemt de kritiek van Koerdische inwoners op de nieuwe regeling daarom gerechtvaardigd.
Abdi verwijst naar eigen jeugd
Abdi koppelde de discussie over taalrechten ook aan zijn eigen ervaringen.
Hij vertelde dat hij rond zijn dertiende of veertiende levensjaar ongeveer een week werd vastgehouden nadat Koerdische boeken op zijn school waren ontdekt.
De boeken gingen volgens hem onder meer over de Koerdische geschiedenis, Newroz en de legende van Kawa.
Tegen die achtergrond ziet hij zelfs beperkte officiële erkenning van het Koerdisch als een belangrijke verandering.
Tegelijk waarschuwt hij dat huidige rechten niet als eindpunt moeten worden beschouwd.
Volgens Abdi moeten Koerdische gezinnen en politieke organisaties blijven aandringen op verdere uitbreiding van het onderwijs in de moedertaal.
Grondwet moet rechten duurzaam beschermen
De toekomstige Syrische grondwet wordt volgens Abdi een van de belangrijkste politieke strijdpunten.
Hij verwacht dat binnen enkele maanden een commissie voor het opstellen van een nieuwe grondwet kan worden gevormd, al is daarvoor nog geen definitieve planning vastgesteld.
Koerdische vertegenwoordigers willen rechtstreeks deelnemen aan dat proces.
Abdi wil dat eerder bereikte afspraken en bestaande erkenning van Koerdische rechten uiteindelijk grondwettelijk worden vastgelegd.
Presidentsdecreten en administratieve besluiten kunnen volgens hem door toekomstige regeringen worden gewijzigd.
Grondwettelijke garanties bieden volgens Abdi daarom meer bescherming.
Niet alle verworvenheden zullen behouden blijven
Abdi erkent dat niet alle instellingen die in de afgelopen vijftien jaar in Rojava zijn opgebouwd in hun huidige vorm zullen blijven bestaan.
Tijdens het autonome bestuur ontstonden eigen bestuurlijke structuren, instellingen en maatschappelijke organisaties.
Volgens hem zal een deel daarvan veranderen door de integratie in de Syrische staat.
Hij stelt echter dat de politieke en maatschappelijke cultuur die in die periode is ontstaan niet eenvoudig kan verdwijnen met het einde van de SDF.
Nieuwe politieke organisatie wordt besproken
Een andere belangrijke vraag is wie de achterban van de voormalige SDF voortaan politiek gaat vertegenwoordigen.
Abdi zegt dat gesprekken plaatsvinden over de oprichting van een nieuwe politieke organisatie.
De naam, leiding en exacte structuur zijn nog niet vastgesteld.
Volgens hem is zo’n organisatie nodig om de sociale en politieke basis die tijdens de SDF-periode is ontstaan over te brengen naar de burgerpolitiek.
De nieuwe beweging zou zich onder meer moeten richten op verkiezingen, grondwettelijke onderhandelingen en het vertegenwoordigen van Koerdische eisen tegenover Damascus.
Abdi heeft niet gezegd dat hij zelf de leiding van zo’n organisatie wil overnemen.
Turkije kan rol spelen bij wederopbouw
Volgens Abdi blijft Turkije vanwege zijn geografische ligging, economische kracht en invloed een belangrijke actor in Syrië.
Hij vindt daarom dat de relatie niet uitsluitend vanuit veiligheid en militaire confrontatie moet worden bekeken.
Ook wederopbouw, economische samenwerking en regionale stabiliteit kunnen volgens hem onderwerp van overleg worden.
Een stabiel Syrië is volgens Abdi eveneens in het belang van Turkije.
Vredesproces in Turkije kan gevolgen hebben voor Syrië
Abdi legde daarnaast een verband tussen de Koerdische kwestie in Syrië en ontwikkelingen binnen Turkije.
Volgens hem kunnen beide dossiers niet volledig los van elkaar worden gezien.
Een vermindering van spanningen tussen Ankara en de Koerdische beweging in Turkije kan volgens hem ook meer ruimte creëren voor een vreedzame oplossing van Koerdische vraagstukken in Syrië.
Daarmee kiest Abdi voor een duidelijk andere benadering dan tijdens de jaren waarin Turkse strijdkrachten en de SDF tegenover elkaar stonden.
Mogelijk toekomstig bezoek aan Turkije
Abdi kondigde geen bezoek aan Turkije aan, maar liet wel weten dat Ankara een rol kan krijgen binnen zijn nieuwe diplomatieke werkzaamheden.
Hij moet zijn functie als adviseur van president al-Sharaa nog volledig opnemen omdat hij eerst werkzaamheden rond de integratie van de SDF afrondt.
Daarna verwacht hij zowel in Damascus als onder Koerdische gemeenschappen in het noordoosten van Syrië actief te zijn.
Eventuele gesprekken met Turkije zouden volgens hem niet alleen over veiligheid gaan, maar ook over economische samenwerking, politieke rechten en bredere normalisering.
Berichten over verwijdering van Turkse terreurlijst onbevestigd
Turkse media hebben gemeld dat Abdi na zijn benoeming als adviseur mogelijk van de Turkse terreurlijst is verwijderd.
Ook voormalig SDF-commandant Sipan Hamo zou na zijn benoeming binnen het Syrische ministerie van Defensie niet langer op de lijst staan.
De Turkse autoriteiten hebben deze berichten echter niet officieel bevestigd.
Zonder formele aankondiging kan daarom niet worden vastgesteld dat Ankara zijn beleid daadwerkelijk heeft aangepast.
Geen aparte staat als doel
Abdi benadrukte opnieuw dat zijn politieke doel niet bestaat uit de vorming van een afzonderlijke Koerdische staat of entiteit buiten Syrië.
Hij wil dat Koerden als eigen gemeenschap binnen Syrië worden erkend en dat bestaande verworvenheden via de grondwet worden beschermd en uitgebreid.
Volgens hem moeten de onderwerpen die eerder aanleiding gaven tot gewapende mobilisatie, waaronder identiteit, taal, bestuur, veiligheid en politieke vertegenwoordiging, voortaan vooral via politieke middelen worden behandeld.
De ontbinding van de SDF betekent daarmee volgens Abdi niet het einde van de Koerdische politieke strijd in Syrië.