>>> De Iraakse en Koerdische vlag

Koerdische rapport meldt: Iraakse regering komt slechts 41% van betaalafspraken na, ondanks afspraken

Het Departement Media en Informatie van de Koerdische Regionale Regering (KRG) meldt dat de federale regering in Bagdad tussen 2023 en 2025 slechts 41 procent van de wettelijk vastgelegde financiële aanspraken van de Koerdische Regio heeft overgemaakt. Volgens het rapport ging het om 24,3 biljoen Iraakse dinar (IQD) op een totaal recht van 58,3 biljoen IQD, waardoor er een aanzienlijk tekort ontstond dat voelbaar is geweest bij salarissen, publieke diensten en ontwikkelingsprojecten.

Kader: federale begrotingswet 2023–2025
De cijfers zijn gebaseerd op de uitvoering van de Federale Algemene Begrotingswet, die op 21 juni 2023 werd goedgekeurd en de begrotingsjaren 2023, 2024 en 2025 omvat. Die wet kwam tot stand na onderhandelingen en afspraken tussen delegaties van Erbil en Bagdad.

Voorwaarden en verplichtingen volgens de wet
In de begrotingswet werd de financiële uitkering aan de Koerdische Regio gekoppeld aan het afdragen van niet-olie-inkomsten volgens de wet op financieel beheer, en aan het leveren van geproduceerde olie aan SOMO of het federale ministerie van Olie. In ruil daarvoor zou Bagdad de volledige, in de wet vastgelegde uitkering aan de Koerdische Regio overmaken. De KRG stelt dat dit in de praktijk niet volledig is gebeurd.

Plaats in het totale federale budget
Over de drie jaren samen bedroeg de federale begroting van Irak volgens het rapport 622,632 biljoen IQD. De volledige aanspraak van de Koerdische Regio (58,3 biljoen IQD) vormt daarvan een beperkt aandeel, maar daarvan werd volgens de KRG slechts een deel uitbetaald. Het bedrag dat wél werd overgemaakt, komt volgens het rapport neer op 3,9 procent van de totale federale begroting over die periode.

Geen geld voor investeringen en infrastructuur
Een opvallend punt in het rapport is dat Bagdad volgens de KRG geen enkel bedrag heeft overgemaakt voor investerings- en infrastructuurprojecten. Terwijl er in de begrotingswet 12,5 biljoen IQD voor investeringen in de Koerdische Regio was voorzien, zou er uiteindelijk 0 IQD zijn uitgekeerd. Volgens de KRG heeft dit geleid tot het stilvallen of vertragen van verschillende service- en infrastructuurprojecten.

2023: beperkte betaling, grotendeels als lening
Voor 2023 lag het wettelijke aandeel van de Koerdische Regio volgens het rapport op 16.497.871.089.000 IQD. Bagdad zou daarvan 4.698.000.000.000 IQD hebben gestuurd, waarbij een groot deel als lening werd aangemerkt. Dat bedrag dekte volgens de KRG ongeveer vijf maanden aan salarissen. De KRG zegt in 2023 in totaal negen maanden salarissen te hebben uitbetaald, waarbij vier maanden werden gefinancierd via interne inkomsten en olie-inkomsten uit de eerste drie maanden van 2023. Daardoor zouden drie maanden salarissen over 2023 niet door Bagdad zijn gedekt.

2024: tien maanden gedekt, één maand via interne inkomsten
In 2024 bedroeg het wettelijke aandeel van de Koerdische Regio volgens het rapport 20.910.463.950.000 IQD. Het bedrag dat in 2024 voor salarissen beschikbaar kwam (na inhoudingen voor onder meer pensioen en belasting) wordt in het rapport genoemd als 10.709.736.357.000 IQD. Daarvan zou Bagdad 10.026.445.000.000 IQD hebben overgemaakt, terwijl 683.291.000.000 IQD via interne inkomsten is aangevuld om salarisbetalingen compleet te maken. Volgens het rapport dekte Bagdad daarmee tien maanden, werd één extra maand door de KRG betaald en bleef één maand ongedekt door de federale overheid. In dezelfde periode zou, na een afspraak over niet-olie-inkomsten, over vijf maanden in totaal 399.168.961.500 IQD zijn gestort op een rekening van het federale ministerie van Financiën bij de Centrale Bank in Erbil.

2025: minder dan de helft van het wettelijke aandeel
Voor 2025 vermeldt het rapport dat Bagdad 9,6 biljoen IQD voor salarissen heeft overgemaakt en dat dit bedrag volledig is verdeeld. Tegelijk noemt het rapport het wettelijke aandeel voor 2025 als 20,9 biljoen IQD, waardoor de overboeking volgens de KRG onder de 50 procent uitkomt. De totale uitgaven die de federale overheid in 2025 voor de Koerdische Regio registreerde, worden genoemd als 10.414.555.154.731 IQD. Na inhoudingen van 814.486.145.690 IQD (onder meer pensioen, inkomstenbelasting, zegelrechten, jobnummers en 3 procent aflossing op een pensioenlening) bleef netto 9.599.971.607.631 IQD over voor salarissen, goed voor tien maanden.

2025: maandelijkse bedragen (salarissen)
Januari: 958.012.332.759 IQD
Februari: 957.925.862.078 IQD
Maart: 954.880.507.780 IQD
April: 959.514.309.106 IQD
Mei: 974.813.045.475 IQD
Juni: 1.007.352.199.128 IQD
Juli: 956.936.732.490 IQD
Augustus: 945.817.430.551 IQD
September: 941.874.188.271 IQD
Oktober: 942.845.000.000 IQD
November: 0 IQD
December: 0 IQD
Totaal: 9.599.971.607.631 IQD

Niet-olie-inkomsten: wat volgens KRG is afgedragen
De begrotingswet vereist volgens het rapport dat de Koerdische Regio niet-olie-inkomsten afstaat aan de Iraakse schatkist, waarbij maandelijks 50 procent van de federale inkomsten moet worden afgedragen. Het rapport noemt dat in de periode januari tot en met april bedragen zijn afgedragen die varieerden tussen 48 en 51 miljard IQD per maand. Van mei tot en met oktober wordt 120.000.000.000 IQD per maand genoemd. Het totale afgedragen bedrag in het overzicht is 919.346.211.877 IQD.

Bagdad’s redenen in 2024: administratie, biometrie en ‘liquiditeit’
De KRG stelt dat de federale overheid in 2024 herhaaldelijk aanvullende eisen stelde rond salarisadministratie, waaronder verschillende formats en extra gegevensvelden, en dat Erbil die verzoeken heeft verwerkt. Daarna zouden eisen zijn gesteld rond Unique Personal Numbers (UPN) en biometrische codes, waarbij de KRG aangeeft gegevens te hebben geleverd voor alle medewerkers behalve ongeveer 600 personen met langdurig onbetaald verlof, veelal in het buitenland. Verder noemt het rapport maandelijkse financiële overzichten die sinds 2023 worden gedeeld en ter plekke door gezamenlijke auditteams zijn gecontroleerd. Ondanks die stappen zou Bagdad in de laatste drie maanden van 2024 alsnog ‘liquiditeitsproblemen’ hebben aangevoerd, waardoor het jaar volgens de KRG op tien betaalde maanden uitkwam.

Bagdad’s redenen in 2025: pensioenwet, aanstellingen en inkomstenafspraken
Voor 2025 beschrijft het rapport een nieuwe reeks voorwaarden. Eén daarvan was de toepassing van de uniforme pensioenwet in de Koerdische Regio, wat volgens de KRG leidde tot het tegelijk met pensioen gaan van 30.000 medewerkers geboren tussen 1962 en 1964. Ook stelt het rapport dat Bagdad loonstappen, overplaatsingen en nieuwe aanstellingen blokkeerde tot de begroting van 2026, terwijl er elders in Irak wel veel nieuwe aanstellingen zouden zijn gedaan. Daarnaast wordt genoemd dat Bagdad in mei 2025 opnieuw verwees naar een gebrek aan financiële ruimte door kwesties rond olieverkopen, waarna er later weer afspraken zouden zijn gemaakt.

Afspraak over 120 miljard per maand om salarisstroom te beschermen
Volgens de KRG verschoof Bagdad de eis rond niet-olie-inkomsten van 50 procent naar 100 procent. Het rapport stelt dat de KRG, om de betaling van verplichtingen en het dagelijks functioneren te beschermen, flexibiliteit heeft getoond en instemde met een afdracht van 120 miljard IQD per maand, ondanks de druk die dit legt op de operationele uitgaven en projecten in de Regio.

Olie-export en ‘My Account’
Het rapport beschrijft dat na een stilstand van twee jaar een akkoord werd bereikt tussen Erbil, Bagdad en internationale oliebedrijven, waarna de export hervatte en de verkoop via SOMO liep. Ook wordt genoemd dat Bagdad het onderwerp salarisbankieren (‘Tawteen’) aankaartte. De KRG verwijst daarbij naar het project ‘My Account’ (Hezhmarî Min) en stelt dat, na vergelijking van dienstverlening en kosten, dit punt is weggevallen. Volgens het rapport is inmiddels meer dan 90 procent van de publieke medewerkers in dat systeem geregistreerd.

Kernboodschap van het rapport
De KRG presenteert het overzicht als onderbouwing dat zij de federale begrotingswet blijft volgen en meewerkt aan controlemechanismen, terwijl de uitbetaling van wettelijke aanspraken volgens Erbil achterblijft. In de praktijk, zo stelt het rapport, vergroot dit de druk op salariszekerheid, dienstverlening en investeringsruimte, juist in een periode waarin de Koerdische Regio inzet op bestuurlijke stabiliteit en publieke continuïteit.

Deze website maakt gebruik van cookies. Door deze site te blijven gebruiken, accepteert u ons gebruik van cookies.  Cookieverklaring