Koerden op Koers: Nero de Boer over durf, visie en karakter tijdens het ondernemen
In onze rubriek Koerden op Koers spreken we met Koerdische ondernemers in Nederland en België. Deze serie geeft een stem aan inspirerende ondernemers met een Koerdische achtergrond die hun eigen pad volgen, dromen najagen en barrières doorbreken. In elk gesprek duiken we in de persoonlijke verhalen, uitdagingen en successen. Hoe zijn ze begonnen? Wat heeft hen gevormd? En welke rol speelt hun Koerdische identiteit in het ondernemerschap? Vandaag spreken we met Nero de Boer, ook wel bekend onder zijn Koerdische naam Chia Baban, oprichter van Nero Barbershop, DUSK, Boon Apart en Cocky Foundation. Een verhaal over durf, visie en karakter houden in de ondernemerswereld.

Nero, bedankt dat je tijd voor ons vrij kon maken voor dit interview. Kun je iets vertellen over je persoonlijke achtergrond en de weg die je tot nu toe hebt afgelegd?
Mijn naam is Nero de Boer, Ik ben geboren in Slemani-Koerdistan, daar bekend als Chia Baban. Slemani is een regio vol strijd, trots en familiebanden. Daar leer je al jong wat verantwoordelijkheid is. Slemani is een stad die ruikt naar liefde, echoot van oude gedichten en waar filosofie aan de muren kleeft. Het is een plek waar je niet alleen leert te leven, maar ook te voelen – diep en eerlijk. Dichters, denkers en kunstenaars zijn daar thuis. En ook al heb ik de stad op mijn vijftiende moeten verlaten, Slemani woont nog altijd in mij.
Het besluit om mijn geboorteland Koerdistan te verlaten leek voor buitenstaanders misschien een vlucht naar veiligheid, maar het was ook een afscheid van iets wat diep in mij zit. Die grond, die geur van klei na regen, het geluid van stemmen op de markt – het vormt je, het blijft je. Ik heb geleerd dat je je geboortegrond kunt verlaten, maar dat zij jou nooit verlaat.
Ik kom uit een grote en bekende familie, aan zowel mijn vaders als moeders kant. Ondernemen zit in ons bloed. Bij ons in de familie is het geen vraag óf je ondernemer wordt, maar wanneer. Al vóórdat ik zelf naar school ging, ging ik met mijn vader op stap naar zijn bedrijven. Hij was aannemer, had een restaurant én een autobedrijf. Ik wilde altijd dicht bij hem zijn, hoewel ik als kind niet precies wist waarom.
Pas nu, als volwassen man, begrijp ik het. Mijn vader moest vlak na mijn geboorte vluchten voor het regime van Saddam Hussein. Hij dook de bergen in om zijn leven te redden – en dat van ons. Die afwezigheid voelde ik als kind, verlatingsangst, zelfs zonder het te begrijpen. Mijn onbewuste verlangen om bij hem te zijn, was meer dan liefde. Het was een zoektocht naar verbinding, naar een vader die letterlijk alles heeft opgeofferd. En misschien, als ik eerlijk ben, is dat ook waar mijn kracht en drang om te slagen vandaan komt.
Mijn jeugd werd gevormd door de wil om iets van mijn leven te maken. Toen ik op jonge leeftijd naar Europa kwam, had ik geen gemakkelijke start. Onbekend, waar begin je en hoe begin je? Je kent de taal, cultuur, normen en waard van het land niet, maar ik had wel een enorme drive. Ik voel mij ook nergens thuis, maar als ik ergens ben maak ik mij thuis. Van schoonmaken, vuilnisman, werken in fabrieken en in de bouw tot investeren in mijn eerste tondeuse – ik heb alles stap voor stap opgebouwd.
“Ik ben geen product van gemak, maar van doorzettingsvermogen.”

Van welke onderneming(en) ben jij op dit moment eigenaar?
Dertien jaar geleden begon ik met mijn eerste barbershop. Eén stoel, een spiegel, een droom – meer had ik niet nodig. Wat ik wél had, was een visie. Vandaag, jaren later, ben ik dankbaar en trots dat ik inmiddels vijf vestigingen heb mogen openen: in Ermelo, Harderwijk, Amsterdam, Laren en Bussum.
Mijn bedrijf heet Nero Barbershop, maar eigenlijk is het veel meer dan een naam. Het is een plek waar mensen karakter durven tonen, waar ze zich thuis mogen voelen en waar we altijd kiezen voor durf in alles wat we doen – van stijl tot service. Dat zijn ook de drie kernwaarden van Nero Barbershop: Karakter. Thuis. Durf. Niet zomaar woorden, maar richtlijnen in alles wat wij doen – van hoe we mensen begroeten tot hoe we jonge barbiers opleiden.
Ik ben enorm trots op mijn collega’s. Zij dragen deze visie met hun hart en handen uit. Zonder hen was Nero Barbershop nooit geworden wat het nu is: een plek van vertrouwen, kwaliteit en warmte.
Naast de shops ben ik ook eigenaar van mijn eigen haarlijn haarverzorgingsproducten: DUSK. De naam staat voor het moment tussen licht en donker – het rustpunt op de dag, wanneer je even naar jezelf kijkt in de spiegel. De producten staan voor stijl, eenvoud en kwaliteit. Het logo van Dusk is geïnspireerd op Mesopotamië, de bakermat van beschaving – en voor mij ook symbool voor oorsprong, kracht en elegantie. Dusk gaat niet alleen over haar, maar over gevoel. Over rust. Over zelfverzekerdheid.
Daarnaast heb ik mijn eigen koffielijn, Boon Apart. De bonen worden goed verkocht in onze shops – mensen drinken het daar en nemen het graag mee naar huis.
Ik geloof dat ondernemen pas écht waardevol wordt als je ook anderen optilt. Daarom heb ik de Cocky Foundation opgericht: een stichting die zich inzet voor mensen die het moeilijk hebben. Wij helpen met de meest simpele, maar o zo belangrijke dingen: Dingen die voor jou en mij vanzelfsprekend zijn, zijn dat voor anderen vaak niet. Juist daarom moeten wij er zijn.
Ook geef ik managementtrainingen aan jonge en startende ondernemers, zodat zij met een goede basis hun pad kunnen vinden. Daarnaast heb ik mijn eigen academie opgezet: een plek waar jongeren leren knippen, maar ook leren dromen, doelen stellen, klantgericht denken en een eigen business bouwen. Het is voor mij een eer om die nieuwe generatie op te leiden – niet alleen tot barbiers, maar tot leiders in hun eigen leven.
“Succes is geen eindpunt, het is een hefboom. Wat jij bereikt, moet een startpunt zijn voor iemand anders.”

Wat heeft je geïnspireerd om ondernemer te worden en hoe ben je tot je bedrijfsconcept gekomen?
Mijn drijfveer als ondernemer komt diep van binnen. Het begint in Slemani, waar ik opgroeide in een familie vol ondernemers. Waar je al jong leert kijken, luisteren, aanpassen. En het groeit verder in Nederland, in een samenleving waar kansen zijn – maar die je wél moet grijpen. Ondernemen werd voor mij nooit een keuze, het zat al in mijn bloed. Maar wat mij écht inspireerde, was een leegte die ik om mij heen zag.
Dertien jaar geleden was er in Nederland geen plek waar mannen zichzelf écht konden zijn. Geen ruimte waar ze even konden ontsnappen aan druk, verwachtingen, haast. Waar ze gewoon een kop koffie konden drinken, geknipt konden worden, een goed gesprek konden voeren, of juist even helemaal niks hoefden. Ik wilde zo’n plek creëren. Een barbershop die geen winkel is, maar een gemeenschap. Waar mannen weer jongens mogen zijn, en jongens mannen mogen worden. Daar begon het.
Ik kijk altijd naar wat mensen missen – niet wat er al is. En als je goed luistert, hoor je wat er nodig is. Dat is hoe Nero Barbershop is ontstaan. Vanuit een behoefte, niet vanuit een businessplan.
En ik denk niet “out of the box” – nee, ik denk uit de bubble. Een box is namelijk een veilige plek. Als je iets nieuws probeert en het gaat fout, val je terug in die box. Maar in een bubble? Dan knapt die gewoon – en dat betekent: op naar het volgende idee. Geen angst om te falen, geen hang naar zekerheid. Durven vernieuwen is durven loslaten.
Door mijn achtergrond en opvoeding pas ik mij razendsnel aan de wereld om mij heen aan. Ik weet wat het is om je opnieuw aan te passen, je opnieuw te bewijzen. Ik heb gewoond in verschillende delen van Koerdistan, maar ook in Duitsland, Engeland en uiteindelijk Nederland. Die ervaringen hebben mij niet verward, maar verrijkt. Ze hebben me geleerd om mensen te begrijpen, situaties te lezen, en mijn kracht flexibel in te zetten – zonder mijn identiteit te verliezen.
Nederland verandert constant – en ik beweeg mee, zonder mijn kern te verliezen.
“Ik denk niet buiten de box. Ik blaas de hele bubble op – en als die knapt, begin ik opnieuw. Ondernemen is niet veilig denken, het is écht kijken.”

Hoe ben je jouw onderneming(en) precies gestart en wat waren de eerste stappen die je hebt gezet?
Toen ik begon, had ik geen groot budget of strak businessplan, maar werkte lange dagen en wat ik wél had, was visie. En die visie ging altijd over méér dan alleen knippen. Ik wist: als ik dit wil laten groeien, moet ik verbinden, samenwerken en gunnen. Voor mij was het van begin af aan belangrijk om niet alleen mijn eigen podium te bouwen, maar ook anderen erop uit te nodigen – en daar samen op te staan.
Ik zocht vanaf dag één bewust de samenwerking op met lokale ondernemers. Elk weekend organiseerde ik een feestje voor mijn klanten en de gemeenschap samen met anderen uit de buurt. Muziek, koffie, geuren, producten, kleding – een beleving. Zo ontstond een plek waar mensen niet alleen kwamen voor hun kapsel, maar voor een gevoel van thuis.
Twee keer per jaar organiseerde ik een mannenavond. Alles wat een man leuk vindt, hadden we geregeld. En dat ging verder dan scheren en stylen. Denk aan goede koffie, auto’s, sport, BBQ, gadgets, gesprekken en inspiratie. Het waren avonden waar herinneringen ontstonden en vriendschappen werden geboren.
En als klap op de vuurpijl: elk 5 jaar een klant-uitje. Gewoon, samen op pad. Want ondernemen is voor mij niet alleen klanten trekken – het is relaties bouwen.
Dit alles begon klein, met weinig middelen, maar veel energie. Want ondernemen is meer dan investeren in geld – het is investeren in mensen. En wie dat durft, krijgt dubbel terug.
“Wie samenwerkt, groeit sneller. Wie gunt, groeit dieper. Ondernemen is verbinden – met hoofd én hart.”

Welke obstakels of uitdagingen ben je tegengekomen in de beginfase van je ondernemerschap?
Eerlijk? Ik had het gevoel dat ik met 0-1 achterstand begon. Of beter gezegd: misschien wel 0-2. Want ik kende niemand, en niemand kende mij. Je begint zonder netwerk, zonder vangnet, en zonder vanzelfsprekend vertrouwen van anderen. Niet omdat je niets kunt, maar simpelweg omdat je hier niet geboren bent. En dan moet je twee keer zo hard rennen om jezelf te bewijzen – om te laten zien dat je het goed bedoelt.
Die drang om jezelf te bewijzen, kan je enorm ver brengen, maar het kan je ook onzeker maken. Vooral in het begin. Je hebt ideeën, maar je twijfelt: “Zit er wel iemand op mij te wachten?” En soms, als je het gevoel hebt dat je alles moet compenseren, ga je harder pushen dan goed voor je is. Dat heb ik ook gedaan. Maar onderweg leerde ik iets waardevols:
Niet al je ideeën hoeven te slagen. Als er één idee op de duizend lukt, dan heb je het goed gedaan. En die andere 999? Dat zijn geen mislukkingen. Dat zijn lessen. Ervaringen. Bouwstenen. Dat is ondernemerschap.
Ik zeg altijd: de praktijk is de beste school. Je leert nergens zoveel als op de vloer, in gesprek met mensen, in het omgaan met tegenslag, met nee’s, met dagen waarop niemand binnenkomt.
Mijn onzekerheid was er in het begin ook. Maar ik ontdekte: zekerheid komt niet door bevestiging van anderen, maar door jezelf te blijven, wat er ook gebeurt. En dat is misschien wel de grootste overwinning: niet succes, maar stevigheid.
“Je begint achter, maar je leert sneller. Niet elk idee hoeft te winnen, als jij maar blijft bewegen. Ondernemen is een marathon vol leermomenten.”

Hoe heeft je Koerdische achtergrond invloed gehad op jouw ondernemersreis en de manier waarop je zaken doet?
Mijn Koerdische achtergrond is niet alleen een cultuur die ik meedraag – het is een manier van leven. Koerden staan bekend om hun gastvrijheid. Als je bij ons binnenkomt, krijg je thee, eten, verhalen, warmte. Alles draait om gevoel. En dat gevoel – die intuïtie – speelt ook een grote rol in hoe ik onderneem.
Bij ons wordt er veel op vertrouwen gedaan. Je woord is je contract. Als iemand je aankijkt en zegt: “Het komt goed,” dan geloof je dat. Dat heeft mij als ondernemer gevormd, op een mooie én pijnlijke manier.
Want vertrouwen kan je ver brengen. Maar te veel vertrouwen, zonder bescherming, kan je nekken. Mijn vader was een succesvol ondernemer. Hij was niet arm – integendeel, hij draaide miljoenenprojecten. Maar hij verloor drie keer alles, omdat hij zaken deed met mensen die hij vertrouwde, en die dat vertrouwen misbruikten. Dat heeft onze familie gevormd: we moesten telkens weer opstaan, weer opnieuw beginnen, zonder wrok, maar met lessen.
Ik heb geleerd dat geld het leven op veel vlakken makkelijker maakt – maar het maakt je niet gelukkiger. Je kunt meer kopen, maar ook sneller meer verliezen. Hoe meer je hebt, hoe meer je uitgeeft. Je spullen worden groter, mooier, duurder. Maar uiteindelijk moet je je afvragen: heeft het écht waarde, of alleen een prijskaartje?
Neem een horloge als voorbeeld. Of je nu een horloge van tien euro draagt of één van duizenden euro’s – ze geven exact dezelfde tijd aan. Het verschil zit hem niet in wat het doet, maar in wat jij denkt dat het betekent. Echt geluk zit niet in bezit, maar in betekenis. In mensen, momenten en in wat je kunt betekenen voor een ander.
Ik heb ook geleerd: als je gezegend bent met overvloed, geef dan ook door. Wat je teveel hebt, mag je delen. Niet omdat je moet, maar omdat het klopt. Omdat geven lichter voelt dan vasthouden.
Wat mij helpt, is mijn Koerdische geloof en levenshouding: alles wat je doet, doe je vanuit goede woorden, goede daden en goede gedachten. Dat gevoel geef ik door – aan mijn collega’s, en aan elke klant die bij ons binnenkomt. Of je nu iemand knipt, traint of een deal sluit – als je intentie zuiver is, mag de uitkomst ook volgen. Dat betekent niet dat je naïef moet zijn – maar dat je zuiver moet blijven, ook in een wereld die dat soms niet is.
Ik ben Koerd. Vechten zit in mijn DNA. Maar niet met vuisten, met visie.
“Koerden geven je thee, een stoel en een gesprek. Dat is ondernemen voor mij: gastvrij, op gevoel, en met geloof in het goede – maar nooit zonder lessen

Welke culturele elementen of waarden uit de Koerdische traditie draag je mee in je bedrijf?
Ik heb eerder al verteld over de gastvrijheid en het vertrouwen dat diep geworteld zitten in de Koerdische cultuur. Maar wat ik ook elke dag meeneem in mijn werk, is het zorg dragen voor elkaar – vooral voor de mensen die het moeilijk hebben. Dat zit in mij, dat zit in mijn roots. Niet om gezien te worden, maar omdat het hoort.
In onze winkels doen we veel voor mensen die minder te besteden hebben. Een kapsel is misschien klein, maar het kan iemands gevoel over zichzelf compleet veranderen. Een paar keer per jaar knippen we daarom meer dan zestig daklozen. Die dag staat bij mij elk jaar met hoofdletters in de agenda. Want als je ziet wat een knipbeurt met iemand kan doen – dat iemand zich weer even mens voelt, weer even gezien wordt – dat is pas rijkdom. Echte rijkdom. Dat raakt me elke keer opnieuw.
Ik sta nog steeds dagelijks op de werkvloer, samen met mijn collega’s. Ik knip gewoon mee, luister, praat, werk. Ik zie mezelf niet als ‘de baas’, maar als onderdeel van het team. We zijn gelijkwaardig, en dat voel je in de sfeer. Dat is ook een Koerdisch principe: respect krijg je niet door je titel, maar door je gedrag.
“We knippen geen haar, we herstellen waardigheid. Soms is een schaar krachtiger dan duizend woorden.”

Hoe zie je de rol van diversiteit en interculturele ervaringen in het succes van je onderneming?
Succes komt niet vanzelf. Mensen zien vaak alleen de buitenkant – de drukke winkel, de volle stoel, de mooie logo’s. Maar wat ze niet altijd zien, is de discipline, de keuzes, de offers daarachter. Ik geloof dat succes alleen komt als je de lat voor jezelf hoog durft te leggen, maar tegelijk leert om met weinig tevreden te zijn.
Kijk niet altijd naar waar het gras groener lijkt te zijn. Kijk liever naar de mensen die minder hebben, en besef wat je al hebt. Dat is een mentaliteit die ik meeneem uit mijn opvoeding en mijn achtergrond. En het is ook iets wat ik zie bij veel mensen met een migratieachtergrond: door onze ervaringen leren we sneller relativeren. We weten wat echt waarde heeft. Vooral als je oorlog mee gemaakt hebt.
Diversiteit helpt je om breder te kijken, meer te voelen en anders te denken. Omdat ik in meerdere landen heb gewoond en met veel verschillende mensen heb gewerkt, begrijp ik beter wat iemand beweegt. Die interculturele ervaring maakt me flexibel en gevoelig voor signalen – en dat helpt enorm in het ondernemerschap.
Wat ik jonge ondernemers altijd meegeef: laat je goed informeren. Vraag advies, luister naar mensen die het pad al eens gelopen hebben. Denk niet dat je alles weet – vaak denk je dat je klaar bent, maar dan besef je later dat je net begonnen was. Sparren met ervaren ondernemers kan je tijd, geld en hoofdpijn besparen. Zij vertellen je niet wat je wilt horen, maar wat je moet horen.
Ik zeg ook altijd: ik leer niemand iets. Maar ik deel wél mijn ervaringen. En als iemand met mij daarover wil praten – de deuren staan open. Of je nu kapper wilt worden, ondernemer, of iets totaal anders: ik geloof in de kracht van uitwisselen. Niet om de baas te spelen, maar om bruggen te bouwen.
“Succes zit niet in waar je naartoe kijkt, maar in hoe dankbaar je bent voor wat je al hebt. Deel ervaringen, en geef adviezen – dat blijft hangen.”
“Ik ben een brug, geen muur. Ik verbind werelden met een gesprek.”
Wat zijn de belangrijkste lessen die je hebt geleerd tijdens je ondernemerschap tot nu toe?
Als ik terugkijk op mijn reis als ondernemer, dan zie ik één rode draad: verbinding. Niet alleen met klanten of collega’s, maar ook met andere ondernemers, mensen in de buurt, jongeren die op zoek zijn, ouderen die advies geven. Samenwerkingen en verbindingen hebben mij enorm veel gebracht. Niet alleen zakelijk, maar vooral menselijk. Want als je durft te delen, durf je ook te groeien.
En nee, ik deel niet om iets terug te krijgen – maar het mooie is: je krijgt altijd dubbel terug. Niet in geld, maar in vertrouwen, in energie, in respect. Daar kan geen marketingplan tegenop.
Ik ben van nature iemand die graag luistert, verbindt en vooruitkijkt. Ik geloof in opbouwen, niet afbreken. In kansen zien, niet alleen problemen benoemen. Maar ook in leren. En één van de belangrijkste lessen die ik heb geleerd is: je mag vallen. Sterker nog – het hoort erbij.
Mensen denken soms dat ondernemen betekent: altijd winnen, altijd sterk zijn. Maar juist de keren dat je faalt, valt, of verkeerd kiest, vormen je karakter. Daar leer je veerkracht, geduld, nederigheid. En als je opstaat, sta je steviger dan ooit.
Een andere belangrijke les is: je hoeft het niet alleen te doen. Vraag hulp. Zoek mensen op die verder zijn dan jij. Stel je kwetsbaar op. Ondernemen is geen eenzame bergtocht – het is een klim met touwen, bruggen en gidsen.En: vergelijk jezelf niet constant met anderen. Succes heeft geen vast tempo. De een is 25 en rijdt in een dikke auto, de ander is 40 en zet net zijn eerste stap. Beide zijn oké. Jouw pad is jouw pad.
“Ik ben niet sterk omdat ik nooit gevallen ben. Ik ben sterk omdat ik telkens ben opgestaan. En omdat ik leerde dat je samen verder komt dan alleen.Je kan alles verliezen, behalve wie je bent.”

Welke tips zou je geven aan andere aspirant-ondernemers, zeker die met een migratie- of culturele achtergrond?
Mijn eerste en misschien wel belangrijkste tip is: vergeet nooit waar je vandaan komt. Je verleden is geen last – het is je fundament. Alles wat je hebt meegemaakt, gevormd, doorstaan… dat maakt je tot wie je vandaag bent. Je achtergrond is geen obstakel, het is je kracht. Koester je cultuur, je taal, je opvoeding, je waarden – want daarin schuilt juist jouw onderscheidend vermogen als ondernemer.
Ik ben zelf geboren in Slemani, Koerdistan. Dat neem ik overal mee naartoe. In hoe ik praat, hoe ik mensen ontvang, hoe ik zaken doe, hoe ik voel. Dat is niet iets dat ik moet verbergen – het is iets dat mij uniek maakt. Authentiek blijven is je sterkste troef.
Verder: zet kleine stappen, maar denk groots. Begin niet met wat je niet hebt, maar met wat je wél kunt. Kijk niet te veel naar anderen – hun tempo is niet het jouwe. Succes is geen wedstrijd. En als je denkt dat je alles al weet, zoek dan juist mensen op die verder zijn dan jij. Sparren met ervaren ondernemers is goud waard. Ze vertellen je geen sprookjes, maar de rauwe waarheid – en dat is precies wat je nodig hebt.
Sta ook open voor groei, maar verlies nooit je eigen waarden. Zorg dat je doelen zuiver zijn, en vergeet niet om onderweg ook anderen mee te nemen. Als jij een stap verder bent gekomen, kijk dan om en reik je hand uit. Succes deel je.
En tot slot: besef dat je niet alles in één keer hoeft te kunnen of te weten. Ondernemen is geen eindpunt, het is een proces van blijven leren, blijven vallen en telkens weer opstaan.
“Je verleden draag je niet als last op je rug, maar als kracht in je borst. Als je weet waar je vandaan komt, weet je ook waar je naartoe moet.”
Hoe ben je omgegaan met eventuele vooroordelen of barrières binnen de zakelijke wereld?
Vooroordelen zijn er, laten we daar eerlijk over zijn. Als je een andere naam hebt, een accent, of simpelweg een gezicht dat niet uit een boekje komt, dan begin je vaak niet op nul, maar op min één. Dat was in het begin ook voor mij voelbaar. Maar ik besloot al snel: ik laat mijn werk voor mij spreken.
Ik ben nooit iemand geweest die boos bleef op onbegrip. In plaats daarvan besloot ik bruggen te bouwen, niet muren. Door eerlijk te zijn, respectvol, consequent én zichtbaar aanwezig te zijn, heb ik mensen overtuigd. Niet door woorden, maar door daden.
En wat ik in ruil kreeg, is onbetaalbaar: een rijk netwerk. Omdat mensen merkten: “Op Nero kun je bouwen.” En als je netwerk groeit, groeit je bereik. Je krijgt dingen voor elkaar, je kunt anderen helpen, je kunt samen impact maken. Mijn netwerk is mijn kracht – maar die kracht komt voort uit één ding: eerlijkheid. Als je eerlijk bent, kom je misschien niet het snelst boven, maar je blijft wel staan als het stormt. En ik geloof dat je jezelf niet hoeft te veranderen om erbij te horen. Juist door jezelf te blijven, trek je de juiste mensen aan. Mensen die jou waarderen om wie je bent, niet om wie je speelt te zijn.
“Ze zagen een migrant. Ik liet ze een leider zien. Niet door te roepen, maar door elke dag op te komen dagen. En niet voorop lopen maar met ze lopen”
Wat zijn je toekomstplannen voor je onderneming en hoe wil je blijven groeien?
Ik kijk altijd vooruit. Stilstaan is voor mij geen optie. Ik zie mijn werk als iets dat constant in beweging is – en daar hoort groei bij. Maar niet zomaar groei om de cijfers. Ik wil groeien in impact, kwaliteit en bereik.
Een van mijn grootste wens is om mijn merk Dusk verder uit te bouwen. Niet alleen als productlijn, maar als gevoel, als stijl, als herkenbaar verhaal. Dusk staat voor die overgang tussen dag en nacht – het moment waarop je even stil staat, terugkijkt én vooruitkijkt. Die rust, die zelfreflectie, die klasse – dat wil ik in elk product terug laten komen. Met een knipoog naar de kracht en elegantie van Mesopotamië, mijn oorsprong.
Maar belangrijker nog is wat ik wil met Nero Barbershop. Wat ooit begon met één stoel, is nu een merk dat staat. En dat wil ik nu wereldwijd laten groeien. Mijn droom is om het concept van Nero Barbershop als franchiseformule uit te rollen, nationaal én internationaal. Zodat mensen overal ter wereld niet alleen geknipt worden, maar beleven wat wij bieden: karakter, thuisgevoel en durf.
Ik geloof dat het concept werkt, omdat het dieper gaat dan haar, stijl en beleving. Het gaat over zelfvertrouwen, verbinding, en een plek waar je jezelf kunt zijn. Dat is universeel. Dat stopt niet bij de grens van Nederland.
En wat voor mij altijd blijft: ik wil jonge mensen blijven opleiden, inspireren en kansen geven. Of dat nu in Bussum, Berlijn of Erbil of Londen is, waar het ooit begon– overal zijn jonge gasten met talent, en het is mijn missie om dat aan te wakkeren.
“Mijn succes stopt niet bij mij. Het mag een startpunt worden voor een ander. Als ik groei, groeien we samen.”

Hoe zie je de verbinding tussen de Koerdische gemeenschap en de bredere Nederlandse/Belgische markt, en hoe draag jij hieraan bij?
Ik geloof dat de verbinding tussen de Koerdische gemeenschap en de Nederlandse samenleving niet iets is wat “vanzelf” gebeurt. Je moet het bewust bouwen. Met aandacht, vertrouwen en gezamenlijke belangen. Die verbinding maak je niet alleen met woorden, maar juist in de praktijk: door samen te werken, elkaar te begrijpen, elkaars taal te leren – letterlijk én figuurlijk.
Ik probeer die brug op verschillende manieren te slaan. Als ondernemer natuurlijk – door mensen van verschillende achtergronden te verbinden in mijn winkels en projecten. Maar ook als raadslid voor het CDA in Ermelo, sinds 2022, waar ik met voorkeurstemmen ben gekozen. Daar zet ik mij actief in voor ondernemers, de gemeenschap , en iedereen die een steuntje in de rug kan gebruiken.
Ik zie het als mijn plicht om geluiden van onderaf te vertalen naar beleid. Om te zorgen dat regels in de gemeente niet alleen op papier kloppen, maar ook in het echte leven. Ik stel vragen, spreek wethouders aan, zit aan tafel namens mensen die daar vaak zelf niet zitten. Ik heb me ingezet voor ondernemers tijdens de coronatijd, voor jongeren die begeleiding missen, voor het verbinden van gemeenschappen die langs elkaar heen leven.
Mijn inzet wordt ook buiten de politiek gezien. Zo ben ik jurylid bij een van de grootste kapperswedstrijden van Nederland – de Barber Battle. In 2015 werd ik uitgeroepen tot beste ondernemer van mijn werk- en woonplaats, en twee keer werd ik tweede als beste ondernemer van heel Nederland in onze branche. Maar belangrijker dan prijzen, is wat je doet met dat podium. En ik gebruik het om deuren te openen – ook voor anderen. Mijn Koerdische achtergrond speelt daar ook een rol in. Want ik weet hoe het voelt om “de ander” te zijn. En juist daarom maak ik ruimte. Niet alleen voor mijzelf, maar voor anderen.
Ik geloof dat we als Koerdische gemeenschap trots mogen zijn, zichtbaar mogen zijn, én betrokken mogen zijn bij het grotere geheel. Niet als toeschouwer, maar als deelnemer. We zijn ondernemers, opvoeders, leiders, bouwers. Het is tijd dat we onszelf ook zo laten zien.
En daarom is mijn boodschap aan iedereen – Koerd of niet – simpel:
“Wacht niet tot iemand jou een plek geeft. Bouw je eigen tafel. En nodig anderen uit om mee te eten. En Je moet niet kiezen tussen je afkomst en je toekomst. Je bouwt een brug ertussen.”

