Kirkuk en Slemani: hoe Koerden zichzelf verraden
Het Koerdische volk heeft keer op keer laten zien dat het bereid is te strijden voor vrijheid. De Peshmerga’s stonden in de frontlinie tegen ISIS toen de rest van de wereld twijfelde. Zij waren het die de zelfverklaarde kalifaatstrijders een halt toeriepen. Ze vochten met moed, met offers, met eer.
Wie herinnert zich niet de slag bij Pirde, waar Koerdische Peshmerga het opnamen tegen het Iraakse leger dat met Amerikaanse Abrams-tanks was uitgerust? Terwijl een superieure machine naderde, wisten de Peshmerga met eenvoudiger middelen de tank te vernietigen. Het was een moment dat liet zien: dit volk bezit moed, dit volk bezit strijdlust, dit volk kan de sterkste vijanden trotseren.
25 september – 16 oktober: van trots naar verraad
Op 25 september 2017 koos meer dan 90 procent van de Koerden voor onafhankelijkheid. Het was een dag van eenheid, hoop en trots. Maar amper drie weken later, op 16 oktober, viel Kirkuk. Niet omdat de Peshmerga niet wilden vechten. Niet omdat de vijand onverslaanbaar was. Maar omdat de Koerden zichzelf verrieden.
De leiding van de PUK, onder Pavel en Lahur Talabani, trok zich terug en leverde Kirkuk zonder serieuze strijd uit aan Bagdad en Teheran. Jongeren uit Zakho, die vrijwillig naar Kirkuk waren gekomen om hun volk te verdedigen, stonden machteloos. Hun moed en idealisme werden bespot door de lafheid van hun eigen leiders. Een paar Peshmerga werden nog opgeofferd om de illusie van verzet te bewaren, maar iedereen weet: Kirkuk was al verkocht.
Van Kirkuk naar Slemani
Wat dit alles nog ondraaglijker maakt, is wat er daarna gebeurde en nog altijd gebeurt. Terwijl Pavel en Lahur in 2017 geen kogel durfden te lossen richting de vijand, durven ze vandaag wel op elkaar te schieten. Slemani, ooit een stad van intellectuelen en cultuur, wordt nu gegijzeld door hun onderlinge machtsstrijd. Hun milities doden elkaars strijders, terroriseren de bevolking en veranderen de straten in slagvelden.
Voor Koerden overal is dit een bitter gezicht: een volk dat de moed had om ISIS te verslaan, maar zichzelf laat verscheuren door interne rivaliteit. Een volk dat toonde dat het de Abrams-tanks van Bagdad kan trotseren, maar buigt wanneer eigen leiders besluiten om steden en land te verkopen.
De pijnlijke spiegel
Het is zwaar om dit onder ogen te zien, maar noodzakelijk. Koerden verliezen niet alleen door de kracht van hun vijanden. Te vaak verliezen zij door hun eigen verdeeldheid, door hun eigen leiders die macht en familiebelangen boven het nationale belang stellen.
De geschiedenis herhaalt zich: van de burgeroorlog in de jaren zestig tot de val van Kirkuk in 2017 en de chaos in Slemani vandaag. Steeds opnieuw zijn het Koerden die Koerden bestrijden, terwijl de vijand toekijkt en profiteert.
De erfenis van verraad
De namen van Pavel en Lahur Talabani zullen niet herinnerd worden als leiders van hun volk, maar als verraders van hun volk. Hun nalatenschap is dat Kirkuk werd uitgeleverd, en dat Slemani vandaag wordt gegijzeld door geweld en terreur. De Peshmerga bewezen tegen ISIS dat Koerden moed, kracht en vastberadenheid bezitten. Maar zolang leiders liever hun eigen volk verraden dan hun vijanden bestrijden, blijft de droom van onafhankelijkheid een droom die telkens opnieuw door Koerden zelf wordt kapotgemaakt.

