Karasu: Turkije moet veranderen om Koerdische kwestie echt op te lossen

Volgens Karasu kan een duurzame oplossing alleen ontstaan via democratisering, erkenning van diversiteit en een einde aan de oude politiek van ontkenning en onderdrukking.
Mustafa Karasu, lid van de Uitvoerende Raad van de KCK, heeft in een uitgebreid televisiegesprek scherpe analyses gegeven over Turkije, Koerdistan, het Midden-Oosten en de actuele politieke ontwikkelingen. Volgens hem kan de fundamentele crisis in Turkije alleen worden opgelost als de republiek zich ontwikkelt tot een werkelijk democratisch systeem waarin Koerden, verschillende geloofsgemeenschappen, vrouwen en andere groepen volwaardig worden erkend.
Monistisch staatsmodel werkt volgens Karasu niet meer
Karasu stelde dat Turkije nog altijd gevangen zit in een autoritaire staatsopvatting die teruggaat tot het begin van de twintigste eeuw. Volgens hem is het idee van één staat, één natie en één uniforme identiteit te beperkt voor een land als Turkije, waar veel verschillende gemeenschappen leven. In zijn visie kan de republiek in haar huidige vorm niet blijven functioneren, omdat de bestaande staatsopvatting, de politieke structuur en de wetten geen ruimte bieden aan de werkelijke diversiteit van het land.
Democratische republiek als oplossing
Volgens Karasu zou een democratische republiek Turkije juist sterker maken. In zijn woorden zou democratisering het land niet verzwakken of opdelen, maar juist meer kracht, ontwikkeling en invloed geven. Hij zei dat de angst dat Koerden van zo’n verandering zouden profiteren jarenlang een blokkade heeft gevormd, maar dat deze denkwijze volgens hem niet langer houdbaar is.
Koerden kunnen niet langer worden genegeerd
Karasu maakte duidelijk dat de Koerdische kwestie volgens hem niet meer op de oude manier kan worden behandeld. Hij vroeg zich af of de Turkse staat werkelijk denkt de Koerden opnieuw te kunnen besturen via ontkenning, assimilatie en onderdrukking. Volgens hem moet juist een nieuw model ontstaan waarin Koerden, geloofsgemeenschappen, vrouwen en arbeiders ruimte krijgen voor democratische organisatie en politieke uitdrukking.
Rahmi Koç-uitspraken tonen diepere houding tegenover Koerden
In het interview ging Karasu ook uitgebreid in op de ophef rond Rahmi Koç. Volgens hem was de neerbuigende opmerking over Koerdische vrouwen geen los incident, maar een uitdrukking van een veel bredere en diepgewortelde anti-Koerdische mentaliteit in Turkije. Hij stelde dat deze houding al generaties lang is opgebouwd via staatsbeleid, media, films en televisieseries waarin Koerden volgens hem vaak worden neergezet als achterlijk en primitief.
Kritiek op lachen vanuit de politieke top
Karasu zei geschokt te zijn dat een voormalige premier als Binali Yıldırım zichtbaar meelachte bij de opmerking. Volgens hem toont dat hoe genormaliseerd minachting tegenover Koerden en in het bijzonder Koerdische vrouwen nog altijd is in delen van de Turkse elite. Hij noemde de kwestie veel groter dan alleen de persoon Rahmi Koç en zei dat een eenvoudige verontschuldiging daarom niet genoeg is.
Koerdische vrouw staat volgens Karasu juist voor vrijheid
Karasu legde nadruk op de rol van Koerdische vrouwen in de vrijheidsstrijd. Volgens hem is de Koerdische vrouw vandaag een voorhoederol gaan spelen in Koerdistan, in Turkije en in het Midden-Oosten. Hij stelde dat dit in bepaalde delen van de Turkse staat en samenleving een complex heeft veroorzaakt, waardoor de vooruitgang van Koerdische vrouwen bewust wordt weggedrukt of bespot.
Koerdische eenheid blijft noodzakelijk
Ook de discussie over Koerdische nationale eenheid kwam uitgebreid aan bod. Karasu zei dat Koerdische eenheid van groot belang blijft en dat de samenleving daar ook sterk naar verlangt. Volgens hem is het vooral de Koerdische vrijheidsbeweging geweest die de strijd in alle delen van Koerdistan boven het lokale niveau heeft uitgetild en een sterkere collectieve bewustwording heeft gecreëerd.
Waarom blijft echte eenheid uit?
Tegelijk stelde Karasu dat er al jarenlang oproepen tot Koerdische eenheid klinken, zonder dat dit tot echte resultaten leidt. Volgens hem moet daarom eindelijk openlijk worden besproken waarom deze eenheid telkens niet tot stand komt en wie daar verantwoordelijkheid voor draagt. In zijn visie blijft een belangrijk probleem dat een deel van de Koerdische politiek nog vasthoudt aan een verouderde, autoritaire opvatting van nationale eenheid, waarin één partij of één kracht alles wil domineren.
Pleidooi voor democratische nationale eenheid
Karasu zei dat Koerdische eenheid volgens hem alleen kans van slagen heeft als zij op een democratische basis wordt opgebouwd. Dat betekent in zijn visie dat verschillende regio’s, geloofsgroepen, politieke stromingen en maatschappelijke lagen elkaar moeten erkennen en niet proberen te overheersen. Hij sprak daarom zijn steun uit voor initiatieven die inzetten op een democratische vorm van nationale eenheid en verwees ook naar oproepen van Abdullah Öcalan en Bafel Talabani in die richting.
Afwijzing van buitenlandse inmenging én kritiek op Iran
Karasu ging ook in op het debat over Iran en de houding van linkse en democratische krachten in de regio. Hij zei dat buitenlandse inmenging in het Midden-Oosten altijd moet worden afgewezen, maar voegde daaraan toe dat dit niet betekent dat het beleid van Iran dan maar kritiekloos gesteund moet worden. Volgens hem kan een regime dat protesten met geweld onderdrukt, vrouwen onderdrukt en politieke executies uitvoert, niet als werkelijk anti-imperialistisch worden gezien.
Executies en repressie maken systeem volgens hem zwak
Karasu stelde dat een staat die politieke tegenstanders via executies probeert te controleren in feite laat zien dat zij intern zwak staat. Volgens hem probeert Iran maatschappelijke spanningen te onderdrukken in plaats van op te lossen via democratie, sociale hervorming en politieke openheid. Hij waarschuwde dat dit op de lange termijn niet houdbaar is, ook niet als Iran tijdelijk een akkoord met de Verenigde Staten zou bereiken.
Dood van Koerdische strijder aan Iraanse grens genoemd als provocatie
Aan het eind van zijn analyse verwees Karasu ook naar de dood van een Koerdische strijder aan de Iraanse grens. Volgens hem was die aanval een bewuste provocatie tegen Koerdische krachten en tegen de Koerdische bevolking in Iran. Hij zei dat zulke acties de spanningen verder aanwakkeren en de indruk versterken dat er een voortdurende oorlog tegen de Koerden wordt gevoerd.
Breder politiek signaal
Het interview van Karasu laat zien dat de KCK de huidige ontwikkelingen in Turkije, Koerdistan en de regio ziet als onderdeel van één bredere strijd om democratische verandering, Koerdische erkenning en een nieuw politiek model in het Midden-Oosten. In zijn visie hangt een duurzame oplossing af van de bereidheid van staten om autoritaire structuren los te laten en ruimte te maken voor een democratische ordening waarin ook de Koerden een volwaardige plaats krijgen.