Jezidische stammen in Sinjar waarschuwen voor verslechterende veiligheid
Vertegenwoordigers van Jezidische stammen op de Sinjar-berg hebben maandag alarm geslagen over wat zij omschrijven als een snel verslechterende veiligheidssituatie en toenemende instabiliteit in het gebied. In een gezamenlijke verklaring spreken de stamleiders hun zorgen uit over nieuwe spanningen en onduidelijke ontwikkelingen die volgens hen de regio verder onder druk zetten.
Zorgen over ‘verdachte bewegingen’ en politieke druk
De stamvertegenwoordigers zeggen aanwijzingen te zien van “verdachte bewegingen” en politieke druk rond Sinjar. In hun verklaring stellen zij dat bepaalde politieke partijen, enkele parlementsleden en gewapende facties die gelinkt worden aan de Popular Mobilization Forces proberen agenda’s te bevorderen die volgens hen aansluiten bij buitenlandse belangen. Dat zou, zo waarschuwen zij, de fragiele situatie in Sinjar verder kunnen ontregelen.
Afwijzing van inmenging van buitenaf
De Jezidische leiders benadrukken dat druk vanuit actoren buiten de Jezidische gemeenschap het lokale veiligheidsbeeld complexer maakt. Zij verwerpen elke vorm van inmenging en stellen dat zij niet zullen toestaan dat gewapende groepen nieuwe machtsverhoudingen opleggen op en rond de Sinjar-berg.
Sinjar als ankerpunt voor de gemeenschap
In de verklaring wordt Sinjar neergezet als meer dan een geografische plek. De stamleiders omschrijven het gebied als een kernpunt van bescherming en identiteit voor de Jezidische geloofsgemeenschap, met een bijzondere betekenis sinds de aanvallen van ISIS. Daarbij verwijzen zij naar Sinjar als een plek waar de gemeenschap in tijden van dreiging een toevlucht zocht.
Verantwoordelijkheid bij mogelijke escalatie
De vertegenwoordigers besluiten hun boodschap met een duidelijke waarschuwing: de partijen en groepen die zij bekritiseren, worden door hen verantwoordelijk gehouden voor iedere escalatie die spanningen verder kan aanwakkeren of tot nieuwe ontheemding van inwoners kan leiden. Daarmee leggen zij de lat hoog voor iedereen die in de regio opereert, juist omdat de sociale en veiligheidsstructuren nog steeds kwetsbaar zijn.
Achtergrond: aanval van ISIS en massale ontheemding
Op 3 augustus 2014 viel ISIS de overwegend Jezidische stad Sinjar en omliggende dorpen aan. Daarbij kwamen volgens de berichtgeving minstens 5.000 Jezidi’s om het leven en werden ongeveer 6.000 vrouwen en minderjarigen tot slaaf gemaakt. Daarnaast raakten circa 400.000 mensen ontheemd door het offensief.
Vlucht naar de Koerdische Regio en diaspora
Een groot deel van de Jezidische gemeenschap vluchtte destijds naar de Koerdische Regio, terwijl anderen hun toevlucht zochten in buurlanden of in westerse staten. De verklaring onderstreept dat Sinjar voor veel families niet alleen een thuis is, maar ook een symbool van overleving na de misdaden van ISIS.
‘72 genocides’ als collectieve herinnering
In de tekst wordt ook verwezen naar de bredere historische ervaring van de Jezidische, Koerdisch-Kurmanji sprekende gemeenschap, die volgens de stamvertegenwoordigers door de eeuwen heen minstens 72 keer met genocidaal geweld te maken zou hebben gehad. Die verwijzing wordt gebruikt om te benadrukken waarom zij elke nieuwe destabilisatie als existentieel risico zien.

