Irak verliest $11 miljoen per dag aan olie-inkomsten door blokkade Koerdische olie
Volgens het ECO IRAQ Observatory verliest Irak momenteel ruim 11 miljoen dollar per dag door het stilleggen van de olie-export uit de Koerdische regio. Waar de regio normaal zo’n 230.000 vaten per dag zou uitvoeren, plus 50.000 voor lokaal gebruik, blijft de pomp nu stil. Bij een geschatte olieprijs van 66 dollar per vat lopen de verliezen op tot 334 miljoen per maand en meer dan 4 miljard per jaar.
Verantwoordelijkheid bij Bagdad
De waarnemersorganisatie legt de schuld direct bij het Iraakse parlement, dat al jaren weigert de langverwachte olie- en gaswet goed te keuren. Deze wet zou het beheer van grondstoffen moeten regelen en de rechten van de Koerdische regio, zoals vastgelegd in de Iraakse grondwet van 2005, moeten waarborgen. In plaats daarvan wordt oliebeleid herhaaldelijk gepolitiseerd en als drukmiddel ingezet.
Economische en politieke gevolgen
Het uitblijven van een akkoord tussen Erbil en Bagdad schaadt niet alleen de economie van de Koerdische regio, maar ook de internationale reputatie van Irak. Buitenlandse investeerders zien de onvoorspelbaarheid in Bagdad als teken van instabiliteit, wat duurzame samenwerkingen afremt. Ondertussen profiteert Bagdad van de olie uit het zuiden, terwijl het de crisis in het noorden laat voortduren en zo de bevolking van Koerdistan onder druk zet.
Kurdistan draagt de zwaarste lasten
De gevolgen zijn het meest voelbaar in de Koerdische regio zelf. Achterstallige salarissen, beperkte publieke diensten en een economie die gegijzeld wordt door politieke spelletjes treffen miljoenen Koerden dagelijks. Voor veel gezinnen en bedrijven betekent de exportstop een voortdurende strijd om stabiliteit en zekerheid.
Uitweg via samenwerking
Waarnemers benadrukken dat de enige weg vooruit ligt in samenwerking, respect voor de federale grondwet en het aannemen van een eerlijke olie- en gaswet. Alleen dan kan Irak het volledige potentieel van zijn energiebronnen benutten, het vertrouwen van investeerders herstellen en de noodzakelijke economische ademruimte bieden – niet alleen aan Koerdistan, maar aan het hele land.

