Barzani gaf Koerdistan een stem die niemand ooit meer kan negeren
Vandaag, 25 september 2025, herdenken de Koerden de dag waarop ze massaal hun stem uitbrachten voor onafhankelijkheid. Acht jaar geleden, in 2017, zei ruim 92 procent van de kiezers ja tegen een vrij Koerdistan. Onder leiding van Masoud Barzani werd een stap gezet die groter was dan welke militaire overwinning ook: de Koerden kozen niet met wapens, maar met stembiljetten voor hun vrijheid.
Tegen de wereld in
Barzani stond er alleen voor. Van Washington tot Ankara, van Teheran tot Bagdad, iedereen riep hem op het referendum uit te stellen. Zelfs de bondgenoten die de Koerden jarenlang wapens en lof toezwaaiden, smeekten hem: niet nu. Maar wat boden zij in ruil voor dat uitstel? Geen garanties, geen duidelijke beloftes. Barzani stelde de vraag die nog steeds in de lucht hangt: uitstel, tot wanneer?
Zijn beslissing om tóch door te zetten, was geen roekeloze sprong. Het was een daad van moed en helder inzicht: hij wist dat de Koerden nooit onafhankelijk zouden worden als ze bleven wachten op toestemming van grootmachten die hun belangen elders hebben.
Bondgenoten die wegkeken
De gebeurtenissen na 2017 bevestigden zijn gelijk. Toen het Iraakse leger, gesteund door Iraanse milities, Kirkuk binnenviel en Koerdisch land afnam, zwegen de bondgenoten. Toen Turkije in 2018 Afrin en later andere delen van Rojava binnenviel, keken dezelfde bondgenoten opnieuw weg.
Het was opnieuw een herhaling van de geschiedenis: de Koerden die vochten tegen ISIS en de wereld hielpen beschermen, werden na hun opofferingen opnieuw verkwanseld. Zoals zo vaak.
Een eeuw van beloften en verraad
Want dit patroon loopt als een rode draad door de moderne Koerdische geschiedenis. In 1920 beloofde het Verdrag van Sèvres de Koerden een eigen staat. Die belofte werd verraden en vervangen door het Verdrag van Lausanne, dat hen verdeelde over vier staten.
In 1988 kwam Halabja: duizenden Koerden werden vergast door Saddam Hoessein, terwijl de internationale gemeenschap toekeek en zweeg. En in de jaren daarna bleven de Koerden de speelbal: soms bondgenoot, soms lastpak, maar nooit erkend als natie met recht op zelfbeschikking.
Barzani kende deze geschiedenis. Hij doorzag de patronen van machtspolitiek en verraad. En hij besloot dat de Koerden niet nog eens honderd jaar konden wachten op hun recht.
De kracht van democratie
Wat Barzani op 25 september 2017 bereikte, was historisch. Voor het eerst in de moderne tijd sprak het Koerdische volk unaniem en vreedzaam uit wat in hun harten al generaties leefde: wij willen vrij zijn.
Geen dictator, geen buitenlandse generaal, geen grootmacht kan die stem ooit ongedaan maken. De uitslag van het referendum blijft als een stille waarheid bestaan, een legitimiteit die niet verdwijnt, hoe vaak Bagdad, Ankara of Teheran het ook probeert uit te wissen.
De erfenis van Barzani
Acht jaar later is Koerdistan nog geen staat. Maar iedere Koerd weet: de keuze is al gemaakt. Het pad naar vrijheid is niet langer een droom, het is een historisch feit. Het referendum van 2017 gaf Koerdistan een morele en politieke basis die sterker is dan welke grensafspraak of militaire bezetting ook.
Barzani heeft die stem niet laten verdampen. Hij bewaart haar, als een kaart die op het juiste moment opnieuw zal worden uitgespeeld, dit keer voor de definitieve onafhankelijkheidsverklaring.
De geschiedenis van de Koerden is er een van beloftes en verraad, van opoffering en vergeten worden. Maar het referendum van 2017 brak met dat patroon. Het was de dag waarop Koerdistan zei: wij wachten niet langer, wij kiezen zelf.
Dat moment kan niemand ooit terugdraaien. En daarom zal de stem van Barzani’s referendum blijven klinken, totdat Koerdistan zijn rechtmatige plaats inneemt als vrije natie in het hart van het Midden-Oosten.

